Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBOBR:2018:4646 ECLI:NL:RBOBR:2018:4646 AI generated

ECLI:NL:RBOBR:2018:4646 · Rechtbank Oost-Brabant

Case Number ECLI:NL:RBOBR:2018:4646
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK OOST-BRABANT Strafrecht, Mulderzaken Locatie : Eindhoven Zaaknummer : 6778966 MU VERZ 18-294 CJIB-nummer : 19942076 CVOM-nummer : JD985 Uitspraak d.d. : 7 september 2018 Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) inzake [betrokkene] , wonende te [woonplaats] , [adres] , hierna te noemen: betrokkene , gemachtigde mr.drs. C.M.J.E.P. Meerts. De procedure Het beroepschrift is gericht tegen de beslissing van de officier van justitie d.d. 7 februari 2017 ter zake de gedraging niet stoppen voor rood licht: driekleurig verkeerslicht, gepleegd op 4 juli 2016 om 14:33 uur te Eindhoven, Anthony Fokkerweg met een personenauto voorzien van het [kenteken] .

Legislator headnote

AI generated

artikel 8 van het EVRM; ECLI:NL:RBOBR:2018:4646 · Rechtbank Oost-Brabant: : 7 september 2018 Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) inzake [betrokkene] , wonende te [woonplaats] , [adres] , hierna te noemen: betrokkene , gemachtigde mr.drs. C.M.J.E.P. Meerts. De procedure Het beroepschrift is gericht tegen de beslissing van de officier van justitie d.d. 7 februari 2017 ter zake de gedraging niet stoppen voor rood licht: driekleurig verkeerslicht, gepleegd op 4 juli 2016 om 14:33 uur te Eindhoven, Anthony Fokkerweg met een personenauto voorzien van het [kenteken] .

Keywords

AI generated
violation of speedy trial principle illegal overtaking manoeuvre speeding fine security clearance offenses against legal certainty road safety

Cited Legislation

AI generated
artikel 8 van het EVRM
De privacy van betrokkene of de bestuurder van het voertuig is volgens de gemachtigde met de gehanteerde werkwijze van de onderhavige controle geschonden, zonder een adequate wettelijke grondslag als vereist in artikel 8 van het EVRM.

Cited Case Law

AI generated
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK OOST-BRABANT Strafrecht, Mulderzaken Locatie : Eindhoven Zaaknummer : 6778966 MU VERZ 18-294 CJIB-nummer : 19942076 CVOM-nummer : JD985 Uitspraak d.d. : 7 september 2018 Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) inzake [betrokkene] , wonende te [woonplaats] , [adres] , hierna te noemen: betrokkene , gemachtigde mr.drs. C.M.J.E.P. Meerts. De procedure Het beroepschrift is gericht tegen de beslissing van de officier van justitie d.d. 7 februari 2017 ter zake de gedraging niet stoppen voor rood licht: driekleurig verkeerslicht, gepleegd op 4 juli 2016 om 14:33 uur te Eindhoven, Anthony Fokkerweg met een personenauto voorzien van het [kenteken] .

De zaak is behandeld op de zitting van 7 september 2018. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Gemachtigde is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. De overwegingen Gemachtigde heeft beroep ingesteld en daartoe aangevoerd hetgeen is vermeld in het beroepschrift, dat zich bij de stukken van het geding bevindt. De vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie verzoekt de kantonrechter, gelet op het relaas van de verbalisant, het beroep ongegrond te verklaren. Gemachtigde is tijdig in beroep gegaan.

Voor de betaling van de sanctie en de administratiekosten is zekerheid gesteld. Gemachtigde is derhalve ontvankelijk in het beroep. Gemachtigde heeft bij fax van 31 augustus 2018 alle eerder aangevoerde gronden ingetrokken en de volgende nieuwe beroepsgrond aangevoerd. De privacy van betrokkene of de bestuurder van het voertuig is volgens de gemachtigde met de gehanteerde werkwijze van de onderhavige controle geschonden, zonder een adequate wettelijke grondslag als vereist in artikel 8 van het EVRM. Daarom is sprake van strijd met dit Verdragsartikel.

De gemachtigde verwijst hierbij naar een aantal uitspraken waaronder een arrest van de Hoge Raad van 24 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:287. De kantonrechter stelt vast dat de gedraging is geconstateerd door een buitengewoon opsporingsambtenaar met behulp van een geautomatiseerd hulpmiddel (flitspaal). De sanctie is vervolgens opgelegd aan de kentekenhouder. Naar het oordeel van de kantonrechter, meewegend dat de controle plaatsvindt op de openbare weg, bieden de bepalingen van de Wet administratieve handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) en de Wegenverkeerswet 1994, in het bijzonder artikelen 3, tweede lid, en 5 van de WAHV in samenhang met artikel 42 van de Wegenverkeerswet 1994 voldoende wettelijke grondslag voor de hier in het geding zijnde bevoegdheden als vereist in artikel 8 van het EVRM.

Gelet hierop is geen sprake van de gestelde schending van artikel 8 van het EVRM. Gelet op het zaakoverzicht en de foto in het dossier is de kantonrechter voorts van oordeel dat vast staat dat de gedraging is verricht. De kantonrechter zal het beroep ongegrond verklaren. De uitspraak De kantonrechter: - verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. T. van de Woestijne, kantonrechter, bijgestaan door mr. A. van Huet als griffier, en in het openbaar uitgesproken.