Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNNE:2020:2045 ECLI:NL:RBNNE:2020:2045 AI generated

ECLI:NL:RBNNE:2020:2045 · Rechtbank Noord-Nederland

Case Number ECLI:NL:RBNNE:2020:2045
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Leeuwarden Bestuursrecht zaaknummer: 20/1628 WET Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 juni 2020 op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen 1 [verzoeker 1] en zijn echtgenote [A] , 2 [verzoeker 2] en zijn echtgenote [B] , 3 [verzoeker 3] en zijn echtgenote [C] , 4 [verzoeker 4] en zijn echtgenote [D] , 5 [verzoeker 5] en zijn echtgenote [E] , 6 [verzoeker 6] en zijn echtgenote [F] , 7 [verzoeker 7] , 8 [verzoeker 8] , 9 [verzoeker 9] , 10 [verzoeker 10] , 11 [verzoeker 11] , 12 [verzoeker 12] , 13 [verzoeker 13] , 14 [verzoeker 14] , 15 [verzoeker 15] , 16 [verzoeker 16] , 17 [verzoeker 17] en zijn echtgenote [G] , 18 [verzoeker 18] , 19 [verzoeker 19] , 20 [verzoeker 20] , 21 [verzoeker 21] , 22 [verzoeker 22] , 23 [verzoeker 23] , 24 [verzoeker 24] , 25 [verzoeker 25] , 26 [verzoeker 26] , 27 [verzoeker 27] , 28 [verzoeker 28] , 29 [verzoeker 29] , 30 [verzoeker 30] , 31 [verzoeker 31] , 32 [verzoeker 32] , 33 [verzoeker 33] , 34 [verzoeker 34] , 35 [verzoeker 35] , 36 [verzoeker 36] , 37 [verzoeker 37] , 38 [verzoeker 38] , allen verblijvende/wonende te [woon-/verblijfplaats] , verzoekers, gemachtigden: mr.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:20 lid 3 Awb, artikel 8:81 lid 4 Awb, artikel 6:20 Awb; ECLI:NL:RBNNE:2020:2045 · Rechtbank Noord-Nederland: Er is dus inmiddels een reëel besluit genomen. Op grond van artikel 6:20 lid 3 Awb heeft beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit mede betrekking op het alsnog genomen besluit, tenzij dit geheel aan het beroep tegemoet komt. Dat is hier niet zo. In artikel 8:81 lid 4 Awb is artikel 6:20 Awb niet van overeenkomstige toepassing verklaard op de voorlopige voorzieningsprocedure. Dit betekent dat het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen alleen betrekking heeft op het gestelde niet tijdig nemen van een besluit op het handhavingsverzoek. Bij beoordeling daarvan bestaat geen belang meer. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.

Keywords

AI generated
delayed asylum application request for protection status lack of urgency late objection to debt enforcement right to a decision request for asylum revision

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:20 lid 3 Awb
Op grond van artikel 6:20 lid 3 Awb heeft beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit mede betrekking op het alsnog genomen besluit, tenzij dit geheel aan het beroep tegemoet komt.
artikel 8:81 lid 4 Awb
In artikel 8:81 lid 4 Awb is artikel 6:20 Awb niet van overeenkomstige toepassing verklaard op de voorlopige voorzieningsprocedure.
artikel 6:20 Awb
In artikel 8:81 lid 4 Awb is artikel 6:20 Awb niet van overeenkomstige toepassing verklaard op de voorlopige voorzieningsprocedure.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Leeuwarden Bestuursrecht zaaknummer: 20/1628 WET Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 juni 2020 op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen 1 [verzoeker 1] en zijn echtgenote [A] , 2 [verzoeker 2] en zijn echtgenote [B] , 3 [verzoeker 3] en zijn echtgenote [C] , 4 [verzoeker 4] en zijn echtgenote [D] , 5 [verzoeker 5] en zijn echtgenote [E] , 6 [verzoeker 6] en zijn echtgenote [F] , 7 [verzoeker 7] , 8 [verzoeker 8] , 9 [verzoeker 9] , 10 [verzoeker 10] , 11 [verzoeker 11] , 12 [verzoeker 12] , 13 [verzoeker 13] , 14 [verzoeker 14] , 15 [verzoeker 15] , 16 [verzoeker 16] , 17 [verzoeker 17] en zijn echtgenote [G] , 18 [verzoeker 18] , 19 [verzoeker 19] , 20 [verzoeker 20] , 21 [verzoeker 21] , 22 [verzoeker 22] , 23 [verzoeker 23] , 24 [verzoeker 24] , 25 [verzoeker 25] , 26 [verzoeker 26] , 27 [verzoeker 27] , 28 [verzoeker 28] , 29 [verzoeker 29] , 30 [verzoeker 30] , 31 [verzoeker 31] , 32 [verzoeker 32] , 33 [verzoeker 33] , 34 [verzoeker 34] , 35 [verzoeker 35] , 36 [verzoeker 36] , 37 [verzoeker 37] , 38 [verzoeker 38] , allen verblijvende/wonende te [woon-/verblijfplaats] , verzoekers, gemachtigden: mr.

J.D. Nijenhuis en mr. M.A. Jansen, en de voorzitter van de Veiligheidsregio Fryslân, verweerder, gevestigd te Leeuwarden, gemachtigde: mr. E.F. van der Goot. Procesverloop Bij brief van 30 mei 2020 hebben verzoekers verweerder verzocht om (preventief) handhavend op te treden tegen een verwachte overtreding van artikel 2.1 lid 2 van de Noodverordening COVID 19 veiligheidsregio Fryslân van 29 mei 2020. Verzoekers hebben op 31 mei 2020 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op dit handhavingsverzoek. Deze zaak is geregistreerd onder nummer LEE 20/1629 WET.

Daarnaast hebben zij verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Deze zaak is geregistreerd onder nummer LEE 20/1628 WET. De zaak is ter zitting behandeld op 2 juni 2020, samen met het civielrechtelijke kort geding dat verzoekers tegen de Staat der Nederlanden en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers hebben ingediend (zaaknummer C/17/173140 KG ZA 20/110). De zitting heeft in verband met de uitbraak van het coronavirus via Skype plaatsgevonden. Verzoekers [verzoeker 1] , [verzoeker 2] , [F] en [D] zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigden.

Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde en mr. drs. R.T. Offringa, als jurist werkzaam bij de Veiligheidsregio Fryslân. Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan in deze zaak en vonnis gewezen in het kort geding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening af. Overwegingen 1. Bij besluit van 1 juni 2020 heeft verweerder het verzoek om handhavend op te treden afgewezen.

2. Er is dus inmiddels een reëel besluit genomen. Op grond van artikel 6:20 lid 3 Awb heeft beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit mede betrekking op het alsnog genomen besluit, tenzij dit geheel aan het beroep tegemoet komt. Dat is hier niet zo. In artikel 8:81 lid 4 Awb is artikel 6:20 Awb niet van overeenkomstige toepassing verklaard op de voorlopige voorzieningsprocedure. Dit betekent dat het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen alleen betrekking heeft op het gestelde niet tijdig nemen van een besluit op het handhavingsverzoek. Bij beoordeling daarvan bestaat geen belang meer. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

4. Ten overvloede overweegt de voorzieningenrechter dat een inhoudelijke beoordeling ook had geleid tot afwijzing van het verzoek. In dit verband verwijst de voorzieningenrechter naar haar oordeel in kort geding, dat hier als herhaald en ingelast moet worden beschouwd. Deze uitspraak is gedaan door mr. C.M. Telman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. T. Hoekstra, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 2 juni 2020. griffier voorzieningenrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.