Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNNE:2018:5614 ECLI:NL:RBNNE:2018:5614 AI generated

ECLI:NL:RBNNE:2018:5614 · Rechtbank Noord-Nederland

Case Number ECLI:NL:RBNNE:2018:5614
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling Privaatrecht Locatie Assen Zaak- /rekestnummer: C/19/124847 / FA RK 18-2206 Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak ter zitting van de enkelvoudige kamer van 6 december 2018 inzake A, wonende te …., Nieuw-Zeeland, hierna ook te noemen de man, advocaat A.E. van Nimwegen, kantoorhoudende te Delfzijl, tegen B, wonende te …, hierna ook te noemen de vrouw, advocaat E.J.R. Helmantel, kantoorhoudende te Dronten. Tegenwoordig: mr. T.M.L.Veen, lid van de kamer, tevens kinderrechter, en A.E. Meijer, griffier. Verschenen zijn : partijen en hun raadslieden, dhr.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBNNE:2018:5614 · Rechtbank Noord-Nederland: van Nimwegen, kantoorhoudende te Delfzijl, tegen B, wonende te …, hierna ook te noemen de vrouw, advocaat E.J.R. Helmantel, kantoorhoudende te Dronten. Tegenwoordig: mr. T.M.L.Veen, lid van de kamer, tevens kinderrechter, en A.E. Meijer, griffier. Verschenen zijn : partijen en hun raadslieden, dhr.

Keywords

AI generated
right to know one's parentage deportation of family removal under immigration law change of residence Nigerian asylum application family residence permit
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling Privaatrecht Locatie Assen Zaak- /rekestnummer: C/19/124847 / FA RK 18-2206 Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak ter zitting van de enkelvoudige kamer van 6 december 2018 inzake A, wonende te …., Nieuw-Zeeland, hierna ook te noemen de man, advocaat A.E. van Nimwegen, kantoorhoudende te Delfzijl, tegen B, wonende te …, hierna ook te noemen de vrouw, advocaat E.J.R. Helmantel, kantoorhoudende te Dronten. Tegenwoordig: mr. T.M.L.Veen, lid van de kamer, tevens kinderrechter, en A.E. Meijer, griffier. Verschenen zijn : partijen en hun raadslieden, dhr.

J. Zijlstra namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad) C is door de rechtbank gehoord op 4 december 2018. Gronden van de beslissing: Partijen met zijn met elkaar gehuwd geweest. De echtscheiding van partijen is uitgesproken bij beschikking van ….2016. Partijen hebben een dochter, C, geboren op ..2002 te …. De man verzoekt hem toestemming te verlenen om C te laten verhuizen naar Nieuw-Zeeland en haar hoofdverblijf bij hem vast te stellen. De vrouw heeft verweer gevoerd en verzocht de verzoeken van de man af te wijzen. C heeft zelf verteld dat zij bij haar vader wil gaan wonen.

Namens de Raad is ter zitting aangeboden onderzoek te doen en advies uit te brengen met betrekking de vraag of een verhuizing naar Nieuw-Zeeland in het belang van C is. De rechtbank acht, gelet op hetgeen uit de stukken is gebleken en op hetgeen ter zitting naar voren is gebracht, een onderzoek door de Raad wenselijk. Naar het oordeel van de rechtbank is een verhuizing naar Nieuw-Zeeland voor C zo ingrijpend dat eerst zorgvuldig onderzocht moet worden of een verhuizing in haar belang is. De wens van C is van belang, maar is niet doorslaggevend. Mede gezien de voorgeschiedenis is er alle reden om de beslissing zorgvuldig te willen nemen.

De rechtbank zal de zaak aanhouden in afwachting van rapport en advies van de Raad. Een rooster voor de maand maart 2019 is nog niet beschikbaar. Vandaar dat er in dit proces-verbaal nog geen exacte datum en tijd is opgenomen. Beslissing: de rechtbank: - verzoekt de Raad onderzoek te doen en advies uit te brengen met betrekking tot de vraag of een verhuizing van C naar haar vader in Nieuw-Zeeland in haar belang is; - bepaalt dat de behandeling van de zaak wordt aangehouden in afwachting van rapport en advies van de Raad; - bepaalt dat de behandeling van de zaak zal worden voortgezet op een nog nader te bepalen zitting eind maart 2019. .

Mondeling uitgesproken ter zitting op 6 december 2018. Waarvan proces-verbaal,