Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNNE:2017:2376 ECLI:NL:RBNNE:2017:2376 AI generated

ECLI:NL:RBNNE:2017:2376 · Rechtbank Noord-Nederland

Case Number ECLI:NL:RBNNE:2017:2376
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Groningen zaaknummer: C18/174807 / PR RK 17-99 beslissing van de meervoudige kamer van 10 april 2017 op het verzoek tot wraking ingevolge artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) van [naam], wonende te [woonplaats], gemachtigde H.J.G. Teeuwen, wonende te [woonplaats], [adres], verzoekers. 1Procesverloop 1.1. Bij brief van 10 maart 2017 hebben verzoekers een verzoek ingediend tot wraking van de kantonrechter in de procedure met nummer 5485521 CV EXPL 16-15864 (aanhangig bij deze rechtbank, afdeling Privaatrecht, locatie Groningen) waarbij [naam] als partij is betrokken. 1.2.

Legislator headnote

AI generated

artikel 36 Rv; ECLI:NL:RBNNE:2017:2376 · Rechtbank Noord-Nederland: Teeuwen, wonende te [woonplaats], [adres], verzoekers. 1Procesverloop 1.1. Bij brief van 10 maart 2017 hebben verzoekers een verzoek ingediend tot wraking van de kantonrechter in de procedure met nummer 5485521 CV EXPL 16-15864 (aanhangig bij deze rechtbank, afdeling Privaatrecht, locatie Groningen) waarbij [naam] als partij is betrokken. 1.2.

Keywords

AI generated
right to be heard violation of party rights right to refuse testimony hearing of the parties right to fair trial withdrawal of opposition

Cited Legislation

AI generated
artikel 36 Rv
Ingevolge artikel 36 Rv kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Groningen zaaknummer: C18/174807 / PR RK 17-99 beslissing van de meervoudige kamer van 10 april 2017 op het verzoek tot wraking ingevolge artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) van [naam], wonende te [woonplaats], gemachtigde H.J.G. Teeuwen, wonende te [woonplaats], [adres], verzoekers. 1Procesverloop 1.1. Bij brief van 10 maart 2017 hebben verzoekers een verzoek ingediend tot wraking van de kantonrechter in de procedure met nummer 5485521 CV EXPL 16-15864 (aanhangig bij deze rechtbank, afdeling Privaatrecht, locatie Groningen) waarbij [naam] als partij is betrokken. 1.2.

De betreffende kantonrechter, mr. W. Huizing, heeft bij brief van 21 maart 2017 gemotiveerd aangegeven dat zij niet berust in het wrakingsverzoek. 2Overwegingen 2.1. Ingevolge artikel 36 Rv kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. 2.2. Het wrakingsverzoek is gedaan omdat mr. Huizing, door verzoekers te berichten dat in de onder 1.1. genoemde procedure vonnis zal worden gewezen, naar de mening van verzoekers ten onrechte niet is ingegaan op hun verzoek tot uitstel voor het geven van een reactie op de stukken van de wederpartij in die procedure. 2.3.

Met mr. Huizing is de rechtbank van oordeel dat haar beslissing om aan verzoekers te (laten) berichten dat in hun zaak vonnis zal worden gewezen een inhoudelijke beslissing betreft die niet ter toetsing aan de wrakingskamer kan worden voorgelegd. 2.4. Omdat verzoekers voorts geen concrete feiten of omstandigheden aanvoeren waaruit blijkt van vooringenomenheid van mr. Huizing dient het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk te worden verklaard. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek kan daarom achterwege blijven. Beslissing De rechtbank: verklaart het verzoek niet-ontvankelijk; bepaalt dat de procedure in de hoofdzaak (met zaaknummer 5485521 CV EXPL 16-15864) wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek tot wraking; beveelt de onverwijlde mededeling van deze beslissing aan verzoekers en aan de (gemachtigde van) de Coöperatieve Woonvereniging 'De Middelhorst' U.A. Deze beslissing is gegeven door mrs.

R.B.M. Keurentjes, voorzitter, E.M. Visser en W.P. Claus, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 10 april 2017. typ: 692