Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNHO:2026:8271 ECLI:NL:RBNHO:2026:8271 AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2026:8271 · Rechtbank Noord-Holland

Case Number ECLI:NL:RBNHO:2026:8271
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Prof. mr. J.A.M.A. Sluysmans Van der Feltz Advocaten Javastraat 22 2585 AN Den Haag 2. S.H.C. van den Berg MSc MRICS RT REV RM, Register taxateur / rentmeester NVR BaseValue B.V. Mulligenweg 52 8096 RB Oldebroek 3. mr. S.G. van Hoogmoed RT, Rentmeester NVR Hoogstate taxateurs o/z en rentmeesters Holterweg 79 7441 DD Nijverdal 5.6. benoemt tot rechter-commissaris die vergezeld van de griffier bij de opneming door deskundigen tegenwoordig zal zijn, het lid van deze rechtbank mr. J.H. Gisolf, 5.7. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 5.8. wijst het Noordhollands Dagblad aan als nieuwsblad waarin overeenkomstig artikel 54 Ow een uittreksel van dit vonnis geplaatst dient te worden, 5.9. wijst het Noordhollands Dagblad aan als nieuwsblad waarin de aankondiging door de griffier zal moeten geschieden van de door de rechter-commissaris te bepalen dag, tijd en plaats van de opneming door deskundigen van de ligging en gesteldheid van het te onteigenen perceel, 5.10. verwijst de zaak naar de rol van 1 juli 2026 voor het opgeven van verhinderdata in de maanden oktober 2026 tot en met december 2026, waarna een datum voor een plaatsopneming door de deskundigen zal worden bepaald, 5.11. wijst af de vordering tot bepaling van een dag, tijd en plaats voor de plaatsopneming, 5.12. houdt iedere verdere beslissing aan.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2026:8271 · Rechtbank Noord-Holland: Dit betekent dat over de hoogte van het aan haar toe te kennen bedrag aan schadeloosstelling op de voet van artikel 54j lid 1 Ow een bericht van deskundigen moet worden ingewonnen. 4.3. De rechtbank zal op grond van artikel 54j Ow aan drie door haar te benoemen deskundigen opdracht geven om de schadeloosstelling te begroten voor [gedaagde] en zal één van haar leden aanwijzen om, vergezeld van de griffier, als rechter-commissaris bij de opneming door de deskundigen van de ligging en de gesteldheid van het perceel aanwezig te zijn. Bovendien zal een nieuwsblad worden aangewezen waarin de aankondiging door de griffier, als bedoeld in artikel 28 Ow, moet geschieden.

Keywords

AI generated
price of land planning value threshold expropriation costs development costs expropriation plan land development infrastructure
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK Noord-Holland Civiel recht Zittingsplaats Alkmaar Zaaknummer: C/15/377805 / HA ZA 26-310 Vonnis van 17 juni 2026 in de zaak van PRORAIL B.V., te Utrecht, eisende partij, hierna te noemen: ProRail, advocaat: mr. H.X. Botter, tegen [gedaagde] , te [woonplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , niet verschenen. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 20 april 2026 met producties; de stukken vermeld in artikel 23 Onteigeningswet (hierna: Ow), neergelegd ter griffie van deze rechtbank op 6 mei 2026 (akte van depot nr. 2026/1); het tegen [gedaagde] verleende verstek. 1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. Bij Koninklijk Besluit van 3 oktober 2024, nr. 2024002182, openbaar gemaakt in de Staatscourant van 29 oktober 2024, nummer 34038 (hierna: het KB), zijn op grond van artikel 72a Ow ten behoeve van de realisatie van het op 7 november 2023 door de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat vastgestelde tracébesluit Programma Hoogfrequent Spoorvervoer Alkmaar-Amsterdam (hierna: het tracébesluit) meerdere percelen ter onteigening aangewezen. 2.2. [gedaagde] is in het KB aangewezen als eigenaar van het in de onteigening betrokken perceel, kadastraal bekend gemeente [plaats] , sectie [kadastraalnummer] (totaal groot 249 m²) zoals nader aangeduid met grondplannummer [nummer] op de bijbehorende grondplantekening.

Het betreft een onbebouwd perceel grasland. 2.3. ProRail heeft aan [gedaagde] € 13.927,50 als schadeloosstelling aangeboden. 3Het geschil 3.1. ProRail vordert - samengevat- dat de rechtbank bij vonnis: bij vervroeging als bedoeld in artikel 54f Ow de onteigening uitspreekt, vrij van alle lasten en rechten, van de onroerende zaak ter grootte van 249 m² van het perceel kadastraal bekend gemeente [plaats] , sectie [kadastraalnummer] (totaal groot 249 m²) (grondplannummer [nummer] ); het door ProRail aan [gedaagde] te betalen voorschot bepaalt op 100% van de aan haar aangeboden schadeloosstelling ad € 13.927,50 (zegge: dertienduizend negenhonderdzevenentwintig euro en vijftig cent); bepaalt dat ProRail geen nadere zekerheid hoeft te stellen; indien [gedaagde] het bij dit exploot aan haar gedane aanbod aanvaardt, de uiteindelijk aan haar toekomende schadeloosstelling vaststelt op € 13.927,50 (zegge: dertienduizend negenhonderdzevenentwintig euro en vijftig cent) en het voornoemde bedrag derhalve niet als voorschot toekent; indien [gedaagde] het bij dit exploot aan haar gedane aanbod niet aanvaardt, het bedrag van de uiteindelijke schadeloosstelling voor [gedaagde] nader bij vonnis vaststelt en een oneven aantal deskundigen benoemt, alsmede een datum, tijdstip en locatie van de opneming van de ligging en gesteldheid van het te onteigenen perceel bepaalt; de data voor nederlegging van het (concept)deskundigenrapport vaststelt; de nieuws- of advertentiebladen aanwijst waarin het vonnis bij uittreksel door de griffier der rechtbank zal worden geplaatst. 3.2.

ProRail heeft aan haar vordering tot vervroegde onteigening ten grondslag gelegd dat zij er ten behoeve van de uitvoering van het werk belang bij heeft dat het te onteigenen perceel zo spoedig mogelijk tot haar vrije beschikking komt. 3.3. Van [gedaagde] zijn geen verweren bekend. 4De beoordeling 4.1. Nu de bij wet voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht zijn genomen en de rechtbank de vordering tot vervroegde onteigening niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt, is deze voor toewijzing vatbaar. 4.2. Omdat [gedaagde] niet in de procedure is verschenen, wordt zij geacht het aanbod tot schadeloosstelling te hebben verworpen.

Dit betekent dat over de hoogte van het aan haar toe te kennen bedrag aan schadeloosstelling op de voet van artikel 54j lid 1 Ow een bericht van deskundigen moet worden ingewonnen. 4.3. De rechtbank zal op grond van artikel 54j Ow aan drie door haar te benoemen deskundigen opdracht geven om de schadeloosstelling te begroten voor [gedaagde] en zal één van haar leden aanwijzen om, vergezeld van de griffier, als rechter-commissaris bij de opneming door de deskundigen van de ligging en de gesteldheid van het perceel aanwezig te zijn. Bovendien zal een nieuwsblad worden aangewezen waarin de aankondiging door de griffier, als bedoeld in artikel 28 Ow, moet geschieden.

Aangezien dag, tijd en plaats voor de plaatsopneming door de rechter-commissaris zullen worden bepaald, wordt de vordering van ProRail op dit punt afgewezen. 4.4. ProRail heeft voorgesteld dat de rechtbank het voorschot op de schadeloosstelling bepaalt op 100% van het aangeboden bedrag, zodat het stellen van zekerheid achterwege kan blijven. Omdat [gedaagde] het bedrag van de aangeboden schadeloosstelling niet heeft aanvaard, zal de rechtbank overeenkomstig artikel 54i lid 2 Ow het voorschot voor haar vaststellen op het aangeboden bedrag en hoeft ProRail geen zekerheid te stellen. 4.5.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

5De beslissing

De rechtbank 5.1. spreekt vervroegd uit de onteigening ten behoeve van de uitvoering van het tracébesluit en ten name van ProRail, vrij van alle bestaande lasten en rechten, van het perceel, kadastraal bekend gemeente [plaats] , sectie [kadastraalnummer] (totaal groot 249 m²) zoals nader aangeduid met grondplannummer [nummer] op de bijbehorende grondplantekening, 5.2. bepaalt het door ProRail als onteigenende partij te betalen voorschot op de schadeloosstelling van [gedaagde] op € 13.927,50 (dertienduizend negenhonderdzevenentwintig euro en vijftig cent), rechtstreeks te betalen aan [gedaagde] , 5.3. bepaalt dat geen zekerheid voor de voldoening van de schadeloosstelling van [gedaagde] nodig is, 5.4. beveelt dat een deskundigenonderzoek zal plaats hebben ter begroting van de schadeloosstelling van [gedaagde] , 5.5. benoemt tot deskundigen aan wie dit onderzoek wordt opgedragen:

1. Prof. mr. J.A.M.A. Sluysmans Van der Feltz Advocaten Javastraat 22 2585 AN Den Haag 2. S.H.C. van den Berg MSc MRICS RT REV RM, Register taxateur / rentmeester NVR BaseValue B.V. Mulligenweg 52 8096 RB Oldebroek 3. mr. S.G. van Hoogmoed RT, Rentmeester NVR Hoogstate taxateurs o/z en rentmeesters Holterweg 79 7441 DD Nijverdal 5.6. benoemt tot rechter-commissaris die vergezeld van de griffier bij de opneming door deskundigen tegenwoordig zal zijn, het lid van deze rechtbank mr. J.H. Gisolf, 5.7. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 5.8. wijst het Noordhollands Dagblad aan als nieuwsblad waarin overeenkomstig artikel 54 Ow een uittreksel van dit vonnis geplaatst dient te worden, 5.9. wijst het Noordhollands Dagblad aan als nieuwsblad waarin de aankondiging door de griffier zal moeten geschieden van de door de rechter-commissaris te bepalen dag, tijd en plaats van de opneming door deskundigen van de ligging en gesteldheid van het te onteigenen perceel, 5.10. verwijst de zaak naar de rol van 1 juli 2026 voor het opgeven van verhinderdata in de maanden oktober 2026 tot en met december 2026, waarna een datum voor een plaatsopneming door de deskundigen zal worden bepaald, 5.11. wijst af de vordering tot bepaling van een dag, tijd en plaats voor de plaatsopneming, 5.12. houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.H. Gisolf en in het openbaar uitgesproken op 17 juni 2026. ST/JG