ECLI:NL:RBNHO:2026:5596 · Rechtbank Noord-Holland
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind Locatie Zaanstad Zaaknummers : 12149026 \ WM VERZ 26-203 CJIB-nummers : [nummer] Uitspraakdatum : 6 mei 2026 Uitspraak op een vordering tot gijzeling als bedoeld in artikel 28 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van [betrokkene] 1Het verloop van de procedure 1.1. De officier van justitie heeft een vordering ingesteld om te worden gemachtigd tot het toepassen van het dwangmiddel gijzeling, voor de duur van het in de vordering genoemde aantal dagen. 1.2.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBNHO:2026:5596 · Rechtbank Noord-Holland: De officier van justitie heeft een vordering ingesteld om te worden gemachtigd tot het toepassen van het dwangmiddel gijzeling, voor de duur van het in de vordering genoemde aantal dagen. 1.2.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind Locatie Zaanstad Zaaknummers : 12149026 \ WM VERZ 26-203 CJIB-nummers : [nummer] Uitspraakdatum : 6 mei 2026 Uitspraak op een vordering tot gijzeling als bedoeld in artikel 28 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van [betrokkene] 1Het verloop van de procedure 1.1. De officier van justitie heeft een vordering ingesteld om te worden gemachtigd tot het toepassen van het dwangmiddel gijzeling, voor de duur van het in de vordering genoemde aantal dagen. 1.2.
De zaak is behandeld op de zitting van 22 april 2026. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie niet verschenen. Betrokkene is ook niet verschenen, ondanks een oproep daartoe in een brief van de rechtbank. De kantonrechter heeft na de zitting uitspraak gedaan. 2Overwegingen 2.1. In artikel 28 lid 1 van de Wahv staat dat een vordering tot gijzeling wordt ingesteld bij de kantonrechter in het arrondissement waar het adres is van degene aan wie de verkeersboete is opgelegd. 2.2. Betrokkene heeft een adres in ’s-Gravenhage en staat daar ook ingeschreven in de basisregistratie personen.
Dat betekent dat niet de kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland bevoegd is om over de vordering te beslissen, maar de kantonrechter van de rechtbank Den Haag. 2.3. De zaak zal dus voor verdere behandeling worden verwezen naar de rechtbank Den Haag. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verwijst de zaak naar de kantonrechter van de rechtbank Den Haag. Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter