Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNHO:2022:9547 ECLI:NL:RBNHO:2022:9547 AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2022:9547 · Rechtbank Noord-Holland

Case Number ECLI:NL:RBNHO:2022:9547
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknr./rolnr.: 10043308 \ CV EXPL 22-3754 Uitspraakdatum: 19 oktober 2022 Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [bedrijf] B.V. gevestigd te [plaats 2] de eisende partij gemachtigde: Landelijke Associatie Van Gerechtsdeurwaarders B.V. tegen [gedaagde] wonende te [plaats 1] de gedaagde partij niet verschenen 1Het procesverloop 1.1. De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend. 2De beoordeling 2.1.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:230l BW, artikel 6:230l lid 1 BW, artikel 21 Rv; ECLI:NL:RBNHO:2022:9547 · Rechtbank Noord-Holland: De eisende partij heeft gesteld dat op de onderhavige overeenkomst de contractuele informatieplichten van artikel 6:230l BW van toepassing zijn. Volgens de eisende partij heeft zij, voordat de overeenkomst tot stand is gekomen, aan de gedaagde partij op een duidelijke en begrijpelijke wijze de informatie als bedoeld in artikel 6:230l lid 1 sub a tot en met d BW verstrekt. Ter onderbouwing van haar standpunt verwijst de eisende partij naar productie 1. Productie 1 bevat een WhatsApp-gesprek tussen de eisende partij en de gedaagde partij. 2.3. De eisende partij heeft naar het oordeel van de kantonrechter niet voldoende gesteld en onderbouwd dat zij heeft voldaan aan de op haar rustende (pre)contractuele informatieplichten.

Keywords

AI generated
remission of procedural costs party costs advance on court costs fines for procedural infringement reopening of proceedings in absentia party to proceedings

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:230l BW
De eisende partij heeft gesteld dat op de onderhavige overeenkomst de contractuele informatieplichten van artikel 6:230l BW van toepassing zijn.
artikel 6:230l lid 1 BW
Het WhatsApp-gesprek bevat namelijk niet alle in artikel 6:230l lid 1 BW genoemde informatie.
artikel 21 Rv
Op grond van artikel 111 lid 2 onder d Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) moet de dagvaarding de eis en de gronden daarvan vermelden en op grond van artikel 21 Rv moet de eisende partij de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aanvoeren.

Cited Case Law

AI generated
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknr./rolnr.: 10043308 \ CV EXPL 22-3754 Uitspraakdatum: 19 oktober 2022 Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [bedrijf] B.V. gevestigd te [plaats 2] de eisende partij gemachtigde: Landelijke Associatie Van Gerechtsdeurwaarders B.V. tegen [gedaagde] wonende te [plaats 1] de gedaagde partij niet verschenen 1Het procesverloop 1.1. De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend. 2De beoordeling 2.1.

De vordering is gebaseerd op een overeenkomst tussen een handelaar en een consument. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet ter bescherming van de consument aan de wettelijke (pre)contractuele informatieplichten van Boek 6, titel 5, afdeling 2B van het Burgerlijk Wetboek (BW) worden voldaan. Dat aan deze plichten is voldaan, moet gemotiveerd worden gesteld en onderbouwd. De kantonrechter moet er ambtshalve op toezien dat die voorschriften worden nageleefd, dus ook als er geen verweer is gevoerd. Zie, onder meer, het arrest van de Hoge Raad van 12 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1677). 2.2.

De eisende partij heeft gesteld dat op de onderhavige overeenkomst de contractuele informatieplichten van artikel 6:230l BW van toepassing zijn. Volgens de eisende partij heeft zij, voordat de overeenkomst tot stand is gekomen, aan de gedaagde partij op een duidelijke en begrijpelijke wijze de informatie als bedoeld in artikel 6:230l lid 1 sub a tot en met d BW verstrekt. Ter onderbouwing van haar standpunt verwijst de eisende partij naar productie 1. Productie 1 bevat een WhatsApp-gesprek tussen de eisende partij en de gedaagde partij. 2.3. De eisende partij heeft naar het oordeel van de kantonrechter niet voldoende gesteld en onderbouwd dat zij heeft voldaan aan de op haar rustende (pre)contractuele informatieplichten.

Het WhatsApp-gesprek bevat namelijk niet alle in artikel 6:230l lid 1 BW genoemde informatie. Zo ontbreekt de totale prijs van de dienst en de wijze van betaling, levering, nakoming en de termijn waarbinnen de handelaar zich verbindt de dienst te verlenen. Wat is hiervan het gevolg? 2.4. Op grond van artikel 111 lid 2 onder d Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) moet de dagvaarding de eis en de gronden daarvan vermelden en op grond van artikel 21 Rv moet de eisende partij de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aanvoeren. 2.5.

De eisende partij heeft niet aan deze eisen voldaan. Daarom wordt de vordering afgewezen. Gelet op artikel 3.5 van het Landelijk procesreglement voor rolzaken kanton wordt de eisende partij niet meer in de gelegenheid gesteld om haar vordering bij akte alsnog nader toe te lichten en te onderbouwen. 2.6. De proceskosten komen voor rekening van de eisende partij, omdat zij ongelijk krijgt. Deze worden aan de kant van de gedaagde partij tot en met vandaag vastgesteld op nihil.

3De beslissing

De kantonrechter: 3.1. wijst de vordering af; 3.2. veroordeelt de eisende partij tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de gedaagde partij worden vastgesteld op nihil. Dit vonnis is gewezen door mr. M.M. Kruithof en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter