Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNHO:2020:5079 ECLI:NL:RBNHO:2020:5079 AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2020:5079 · Rechtbank Noord-Holland

Case Number ECLI:NL:RBNHO:2020:5079
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

vonnis RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind Zittingsplaats Alkmaar zaaknummer / rolnummer: C/15/300775 / HA ZA 20-172 Vonnis in incident van 8 juli 2020 in de zaak van 1 [eiseres 1] , wonende te [woonplaats] , 2. [eiser], wonende te [woonplaats] , 3. [eiseres 2], wonende te [woonplaats] , eisers in de hoofdzaak, verweerders in het incident, advocaat mr. R.A.M. Schram te Haarlem, tegen 1 [gedaagde 1] , wonende te [woonplaats] , 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid HJ NOTARIAAT B.V. voorheen h.o.d.n. NOTARISPRAKTIJK FEIKEMA BV, gevestigd te Castricum, gedaagden in de hoofdzaak, eisers in het incident, advocaat mr.

Legislator headnote

AI generated

Artikel 6:102 BW; ECLI:NL:RBNHO:2020:5079 · Rechtbank Noord-Holland: Artikel 6:102 BW bepaalt dat als op ieder van twee of meer personen de verplichting rust dezelfde schade te vergoeden, zij daarvoor hoofdelijk verbonden zijn. [gedaagden] stelt dat [naam] Accountants B.V. [eisers] onjuist heeft geadviseerd en dat de – eventuele – schade van [eisers] daardoor (mede) is ontstaan. Indien dit juist is – hetgeen in de vrijwaringsprocedure zal moeten worden onderzocht – dan zijn [gedaagden] en [naam] Accountants B.V. hoofdelijk verbonden tot vergoeding van de schade van [eisers] en bestaat er tussen hen een rechtsverhouding.

Keywords

AI generated
degree of fault liability for accidental damage partial liability insurance of third party accident insurer liability culpa in contrahendo

Cited Legislation

AI generated
Artikel 6:102 BW
Artikel 6:102 BW bepaalt dat als op ieder van twee of meer personen de verplichting rust dezelfde schade te vergoeden, zij daarvoor hoofdelijk verbonden zijn.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

vonnis RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind Zittingsplaats Alkmaar zaaknummer / rolnummer: C/15/300775 / HA ZA 20-172 Vonnis in incident van 8 juli 2020 in de zaak van 1 [eiseres 1] , wonende te [woonplaats] , 2. [eiser], wonende te [woonplaats] , 3. [eiseres 2], wonende te [woonplaats] , eisers in de hoofdzaak, verweerders in het incident, advocaat mr. R.A.M. Schram te Haarlem, tegen 1 [gedaagde 1] , wonende te [woonplaats] , 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid HJ NOTARIAAT B.V. voorheen h.o.d.n. NOTARISPRAKTIJK FEIKEMA BV, gevestigd te Castricum, gedaagden in de hoofdzaak, eisers in het incident, advocaat mr.

P.H. Kramer te Amsterdam. Partijen zullen hierna [eisers] en [gedaagden] genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 5 maart 2020; de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring; de conclusie van antwoord in het incident. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident. 2De beoordeling 2.1. Een vordering tot oproeping van een derde in vrijwaring is in beginsel toewijsbaar, indien de gedaagde partij in de hoofdzaak/eiser in het incident ( [gedaagden] , de gewaarborgde) voldoende onderbouwt en concreet stelt dat de in vrijwaring op te roepen derde ( [naam] Accountants B.V., de waarborg) krachtens zijn rechtsverhouding tot hem verplicht is de nadelige gevolgen van een veroordeling van [gedaagden] te dragen.

Het daadwerkelijk bestaan van de gestelde rechtsverhouding behoeft nog niet vast te staan. Dat zal in de vrijwaringszaak moeten worden onderzocht. 2.2. [gedaagden] stellen, kort samengevat, dat als zij veroordeeld worden tot betalen van schadevergoeding aan [eisers] , [naam] Accountants B.V. in ieder geval mede aansprakelijk is voor die schade. [naam] Accountants B.V. heeft [eisers] onjuist geadviseerd, aldus [gedaagden] 2.3. Eisers in de hoofdzaak ( [eisers] ) stellen dat de vordering tot oproeping in vrijwaring moet worden afgewezen. Zij stellen dat er tussen [naam] Accountants B.V. en [gedaagden] geen rechtsverhouding bestaat. 2.4.

Artikel 6:102 BW bepaalt dat als op ieder van twee of meer personen de verplichting rust dezelfde schade te vergoeden, zij daarvoor hoofdelijk verbonden zijn. [gedaagden] stelt dat [naam] Accountants B.V. [eisers] onjuist heeft geadviseerd en dat de – eventuele – schade van [eisers] daardoor (mede) is ontstaan. Indien dit juist is – hetgeen in de vrijwaringsprocedure zal moeten worden onderzocht – dan zijn [gedaagden] en [naam] Accountants B.V. hoofdelijk verbonden tot vergoeding van de schade van [eisers] en bestaat er tussen hen een rechtsverhouding.

De vordering in vrijwaring is derhalve voldoende onderbouwd en dient te worden toegewezen. 2.5. [eisers] zullen als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld.

3De beslissing

De rechtbank in het incident 3.1. staat toe dat [naam] Accountants B.V., door [gedaagden] wordt gedagvaard tegen de terechtzitting van woensdag 5 augustus 2020, 3.2. veroordeelt [eisers] in de kosten van het incident, aan de zijde van [gedaagden] tot op heden begroot op € 543,00, 3.3. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad, in de hoofdzaak 3.4. bepaalt dat de zaak weer op de rolzitting zal komen van woensdag 19 augustus 2020 voor conclusie van antwoord. Dit vonnis is gewezen door mr. L.J. Saarloos en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2020. type: DdD coll: LJS