Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNHO:2015:11922 ECLI:NL:RBNHO:2015:11922 AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2015:11922 · Rechtbank Noord-Holland

Case Number ECLI:NL:RBNHO:2015:11922
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

beslissing RECHTBANK NOORD-HOLLAND Wrakingskamer zaaknummer / rekestnummer: C/15/232478 / HA RK 15/152 zaaknummer kanton: 4202340 CV EXPL 15-234 Beslissing van 23 september 2015 op het verzoek tot wraking ingediend door: [verzoekster] , wonende te [woonplaats] , verzoekster. Het verzoek is gericht tegen: mr. J.S. Reid, kantonrechter, hierna te noemen: de rechter. 1Procesverloop 1.1. Verzoekster heeft bij schriftelijk bericht van 22 september 2015 de wraking verzocht van de rechter in deze rechtbank, locatie Alkmaar, sectie Kanton, in de zaak met bovenvermeld zaaknummer, hierna te noemen: de hoofdzaak, waarin verzoekster de verwerende partij is. 1.2.

Legislator headnote

AI generated

artikel 37 lid 2 Rv; ECLI:NL:RBNHO:2015:11922 · Rechtbank Noord-Holland: De wrakingskamer heeft op grond van de hierna opgenomen overwegingen besloten geen datum te bepalen voor een mondelinge behandeling van het verzoek. 2De beoordeling 2.1. Op grond van artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv.) kan de rechter die een zaak behandelt, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarbij geldt als uitgangspunt dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn. Daarnaast kan de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd zijn indien sprake is van feiten of omstandigheden die grond geven om te vrezen dat een rechter niet onpartijdig is, waarbij ook de (te vermijden) schijn van partijdigheid van belang is. 2.2.

Keywords

AI generated
withdrawal of legal petition partial claim impartiality and independence divorce on unilateral petition waiver of statement of reasons lack of prosecutorial standing

Cited Legislation

AI generated
artikel 37 lid 2 Rv
Een verzoek tot wraking dient ingevolge artikel 37 lid 2 Rv.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

beslissing RECHTBANK NOORD-HOLLAND Wrakingskamer zaaknummer / rekestnummer: C/15/232478 / HA RK 15/152 zaaknummer kanton: 4202340 CV EXPL 15-234 Beslissing van 23 september 2015 op het verzoek tot wraking ingediend door: [verzoekster] , wonende te [woonplaats] , verzoekster. Het verzoek is gericht tegen: mr. J.S. Reid, kantonrechter, hierna te noemen: de rechter. 1Procesverloop 1.1. Verzoekster heeft bij schriftelijk bericht van 22 september 2015 de wraking verzocht van de rechter in deze rechtbank, locatie Alkmaar, sectie Kanton, in de zaak met bovenvermeld zaaknummer, hierna te noemen: de hoofdzaak, waarin verzoekster de verwerende partij is. 1.2.

De wrakingskamer heeft op grond van de hierna opgenomen overwegingen besloten geen datum te bepalen voor een mondelinge behandeling van het verzoek. 2De beoordeling 2.1. Op grond van artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv.) kan de rechter die een zaak behandelt, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarbij geldt als uitgangspunt dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn. Daarnaast kan de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd zijn indien sprake is van feiten of omstandigheden die grond geven om te vrezen dat een rechter niet onpartijdig is, waarbij ook de (te vermijden) schijn van partijdigheid van belang is. 2.2.

Een verzoek tot wraking dient ingevolge artikel 37 lid 2 Rv. gemotiveerd te zijn. De verzoekende partij dient opgave te doen van de feiten en omstandigheden die het vermoeden wettigen dat de rechter bij de behandeling van de zaak niet onpartijdig of niet onafhankelijk zal zijn. Verzoekster heeft echter in het 14 bladzijden tellende schriftelijke wrakingsverzoek helemaal niets over (on)partijdigheid of onafhankelijkheid van de gewraakte rechter vermeld. Aangezien het verzoek niet gemotiveerd is, is het daardoor kennelijk niet-ontvankelijk. 2.3. Overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 9.1. in samenhang met paragraaf 4.1. van het wrakingsprotocol van deze rechtbank – op internet te vinden op de website van deze rechtbank onder: www.rechtspraak.nl/ Organisatie/ Rechtbanken/ Rechtbank Noord-Holland/ Regels en procedures – zal de wrakingskamer het verzoek tot wraking wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid buiten behandeling stellen. 4Beslissing De rechtbank: 4.1. verklaart het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk en stelt het verzoek tot wraking buiten behandeling; 4.2. beveelt de griffier onverwijld aan verzoekster, de rechter en de eisende partij in bovenvermelde procedure een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van deze beslissing toe te zenden; 4.3. beveelt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek en beveelt dat die zaak daartoe in handen wordt gesteld van de voorzitter van het team kanton, locatie Alkmaar.

Deze beslissing is gegeven door mr. L.J. Saarloos, plaatsvervangend voorzitter, in tegenwoordigheid van D.M.J. van den Biggelaar, griffier, ter openbare terechtzitting van 25 november 2014. griffier voorzitter Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.