Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNHO:2015:11908 ECLI:NL:RBNHO:2015:11908 AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2015:11908 · Rechtbank Noord-Holland

Case Number ECLI:NL:RBNHO:2015:11908
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

beslissing RECHTBANK NOORD-HOLLAND [jw.sys.1.zaaknr] / [jw.sys.1.rolnummer_rekestnr][datum_beslissing] Wrakingskamer zaaknummer / rekestnummer: C/15/230225 / HA RK 15/126 Beslissing van 14 augustus 2015 Op het verzoek tot wraking ingediend door: [verzoeker] , wonende te [woonplaats] , verzoeker, Het verzoek is gericht tegen: Mr. J.M. Janse van Mantgem, hierna te noemen: de rechter. 1Overwegingen 1.1 Verzoeker heeft op 26 juli 2015 schriftelijk de wraking verzocht van de rechter in de bij deze rechtbank, afdeling publiekrecht, sectie Bestuursrecht aanhangige zaak met als zaaknummer HAA 15/2174, hierna te noemen: de hoofdzaak. 1.2 Om verzoeker in zijn verzoek tot wraking te kunnen ontvangen is vereist dat het verzoek wordt gedaan voordat de rechter in de hoofdzaak einduitspraak doet.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2015:11908 · Rechtbank Noord-Holland: J.M. Janse van Mantgem, hierna te noemen: de rechter. 1Overwegingen 1.1 Verzoeker heeft op 26 juli 2015 schriftelijk de wraking verzocht van de rechter in de bij deze rechtbank, afdeling publiekrecht, sectie Bestuursrecht aanhangige zaak met als zaaknummer HAA 15/2174, hierna te noemen: de hoofdzaak. 1.2 Om verzoeker in zijn verzoek tot wraking te kunnen ontvangen is vereist dat het verzoek wordt gedaan voordat de rechter in de hoofdzaak einduitspraak doet.

Keywords

AI generated
statute of limitations bar late recusal request unjustified procedural delay late objection to debt enforcement right to a decision expiry of statutory deadline
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

beslissing RECHTBANK NOORD-HOLLAND [jw.sys.1.zaaknr] / [jw.sys.1.rolnummer_rekestnr][datum_beslissing] Wrakingskamer zaaknummer / rekestnummer: C/15/230225 / HA RK 15/126 Beslissing van 14 augustus 2015 Op het verzoek tot wraking ingediend door: [verzoeker] , wonende te [woonplaats] , verzoeker, Het verzoek is gericht tegen: Mr. J.M. Janse van Mantgem, hierna te noemen: de rechter. 1Overwegingen 1.1 Verzoeker heeft op 26 juli 2015 schriftelijk de wraking verzocht van de rechter in de bij deze rechtbank, afdeling publiekrecht, sectie Bestuursrecht aanhangige zaak met als zaaknummer HAA 15/2174, hierna te noemen: de hoofdzaak. 1.2 Om verzoeker in zijn verzoek tot wraking te kunnen ontvangen is vereist dat het verzoek wordt gedaan voordat de rechter in de hoofdzaak einduitspraak doet.

Hieraan wordt niet voldaan. In de hoofdzaak is op 23 juli 2015 einduitspraak gedaan en het verzoek, gedateerd op 27 juli 2015, is op 26 juli 2015 door de wrakingskamer ontvangen. Het onderhavige verzoek tot wraking is derhalve gedaan na de einduitspraak in de hoofdzaak. Reeds op deze grond dient verzoekster niet-ontvankelijk te worden verklaard in zijn verzoek tot wraking. 1.3 Gebleken is dat verzoeker tegen de uitspraak van 23 juli 2015 verzet heeft ingesteld en dat dit verzet aanhangig is bij de rechtbank. Voor zover het verzoek mede ziet op het voorkomen van betrokkenheid van de rechter in de verzetprocedure, heeft het volgende te gelden.

Volgens het bij de sectie Bestuursrecht van de rechtbank gevoerd beleid wordt de verzetprocedure behandeld door een andere rechter dan de rechter die de uitspraak waartegen het verzet zich richt, heeft gewezen. De rechter is om deze reden niet betrokken bij de door verzoeker aanhangig gemaakte verzetprocedure. 1.4 Overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 9.1., in samenhang met paragraaf 4.1. van het wrakingsprotocol van deze rechtbank – op internet te vinden op de website van deze rechtbank onder: www. rechtspraak.nl/Rechtbank Noord-Holland/Regels en procedures – zal de wrakingskamer het verzoek tot wraking wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid buiten behandeling stellen. 2Beslissing De rechtbank - verklaart het gedane verzoek tot wraking kennelijk niet-ontvankelijk; - stelt het verzoek tot wraking buiten behandeling.

Deze beslissing is gegeven door mr. P..H.B. Littooy, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 14 augustus 2015.[concipiënt_initialen] griffier voorzitter Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.