Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNHO:2014:6859 ECLI:NL:RBNHO:2014:6859 AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2014:6859 · Rechtbank Noord-Holland

Case Number ECLI:NL:RBNHO:2014:6859
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het verzoek tot verbetering 1.1. Bij brief van 30 juni 2014 is namens Ron Kooi Beheer de rechtbank verzocht om verbetering van het op 25 juni 2014 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat ter zake het dictum onder 7.5 sprake is van een kennelijke verschrijving, aangezien de rechtbank [gedaagde/eiser c.s.] in de proceskosten van zaak 13-136 heeft veroordeeld, terwijl de rechtbank volgens Ron Kooi Beheer heeft bedoeld om [gedaagde c.s.] te veroordelen in de kosten van dit geding. 1.2. De rechtbank heeft [gedaagde/eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij brief van 16 juli 2014 heeft mr. F.R. Duijn namens [gedaagde/eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] aan de rechtbank bericht geen bezwaar tegen inwilliging van het verzoek te hebben. 2De beoordeling 2.1. De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 25 juni 2014 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:119 BW; ECLI:NL:RBNHO:2014:6859 · Rechtbank Noord-Holland: Bij brief van 30 juni 2014 is namens Ron Kooi Beheer de rechtbank verzocht om verbetering van het op 25 juni 2014 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat ter zake het dictum onder 7.5 sprake is van een kennelijke verschrijving, aangezien de rechtbank [gedaagde/eiser c.s.] in de proceskosten van zaak 13-136 heeft veroordeeld, terwijl de rechtbank volgens Ron Kooi Beheer heeft bedoeld om [gedaagde c.s.] te veroordelen in de kosten van dit geding. 1.2. De rechtbank heeft [gedaagde/eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij brief van 16 juli 2014 heeft mr. F.R. Duijn namens [gedaagde/eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] aan de rechtbank bericht geen bezwaar tegen inwilliging van het verzoek te hebben. 2De beoordeling 2.1. De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 25 juni 2014 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

Keywords

AI generated
participating loan lack of shareholder standing fractional ownership share capacity to pursue debt enforcement mortgage insurance discharge of mortgages

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:119 BW
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

vonnis RECHTBANK NOORD-HOLLAND Afdeling privaatrecht Sectie Handel & Insolventie Herstelvonnis in gevoegde zaken van 23 juli 2014 in de zaak met zaaknummer / rolnummer: C/15/201583 / HA ZA 13-127 van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid RON KOOI BEHEER B.V., gevestigd te Purmerend, eiseres in conventie, verweerster in reconventie, advocaat mr. F.W.M. Groot, tegen 1 [gedaagde/eiser1], wonende te Wijdewormer, 2. [gedaagde/eiser2], wonende te Wijdewormer, gedaagden in conventie, eisers in reconventie, advocaat mr. F.R. Duijn, en in de zaak met zaaknummer / rolnummer C/15/201655 / HA ZA 13-136 van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid RON KOOI BEHEER B.V., gevestigd te Purmerend, eiseres, advocaat mr. F.W.M. Groot, tegen 1 [gedaagde3], wonende te Zaandam, 2. [gedaagde4], wonende te Zaandam, gedaagden, advocaat mr. F.R. Duijn. Partijen zullen hierna Ron Kooi Beheer, [gedaagde/eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] genoemd worden.

1. Het verzoek tot verbetering 1.1. Bij brief van 30 juni 2014 is namens Ron Kooi Beheer de rechtbank verzocht om verbetering van het op 25 juni 2014 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat ter zake het dictum onder 7.5 sprake is van een kennelijke verschrijving, aangezien de rechtbank [gedaagde/eiser c.s.] in de proceskosten van zaak 13-136 heeft veroordeeld, terwijl de rechtbank volgens Ron Kooi Beheer heeft bedoeld om [gedaagde c.s.] te veroordelen in de kosten van dit geding. 1.2. De rechtbank heeft [gedaagde/eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij brief van 16 juli 2014 heeft mr. F.R. Duijn namens [gedaagde/eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] aan de rechtbank bericht geen bezwaar tegen inwilliging van het verzoek te hebben. 2De beoordeling 2.1. De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 25 juni 2014 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

3De beslissing

De rechtbank 3.1. bepaalt dat rechtsoverweging 7.5 van het op 25 juni 2014 tussen Ron Kooi Beheer en [gedaagde/eiser c.s.] respectievelijk Ron Kooi Beheer en [gedaagde c.s.] gewezen vonnis, waar staat “veroordeelt [gedaagde/eiser c.s.] in de kosten van dit geding aan de zijde van Ron Kooi Beheer tot op heden begroot op € 6.640,71 te vermeerderen met de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op EUR 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [gedaagde/eiser c.s.] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van EUR 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf 14 dagen na heden tot aan de dag der voldoening;” wordt gewijzigd in “veroordeelt [gedaagde c.s.] in de kosten van dit geding aan de zijde van Ron Kooi Beheer tot op heden begroot op € 6.640,71 te vermeerderen met de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op EUR 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [gedaagde/eiser c.s.] niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van EUR 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf 14 dagen na heden tot aan de dag der voldoening;”, 3.2. bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 23 juli 2014 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 25 juni 2014, 3.3. gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet al hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 25 juni 2014 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en in het openbaar uitgesproken op 23 juli 2014. type: 735 coll: