Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBNHO:2013:8581 ECLI:NL:RBNHO:2013:8581 AI generated

ECLI:NL:RBNHO:2013:8581 · Rechtbank Noord-Holland

Case Number ECLI:NL:RBNHO:2013:8581
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf Locatie Alkmaar Enkelvoudige raadkamer Registratienummer: 11/376 Parketnummer: 14/880035-10 en 15/810064-13 Uitspraakdatum: 30 september 2013 Beschikking (art. 89 Sv.) 1Ontstaan en loop van de procedure Op 25 augustus 2011 is ter griffie van de rechtbank Alkmaar, per fax ingekomen een door mr. V.A. Groeneveld, advocaat, ingediend verzoekschrift van [A], verzoeker, geboren [datum], woonplaats kiezende te (1071 VG) Amsterdam, aan de Roelof Hartstraat 31, op het kantoor van mr. Groeneveld voornoemd.

Legislator headnote

AI generated

art. 89 Sv, artikel 90 van het Wetboek van Strafvordering, artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, artikel 12 Sv; ECLI:NL:RBNHO:2013:8581 · Rechtbank Noord-Holland: In deze zaak heeft de officier van justitie bij brief van 25 mei 2011 aan verzoeker onder meer het volgende meegedeeld: “(…) Door middel van deze brief deel ik u mede dat is besloten dat geen verdere strafvervolging tegen u zal worden ingesteld. (…) Ondanks het feit dat er tot vervolging voor (…) mishandelingen zou kunnen worden overgegaan, zullen deze aangiftes geseponeerd worden, aangezien het Openbaar Ministerie van oordeel is dat u “door feit en/of gevolgen bent getroffen”. De zaken zijn hiermee afgedaan, tenzij (…) het Gerechtshof alsnog vervolging beveelt.

Keywords

AI generated
prior administrative complaint application for prosecution initiation of criminal prosecution time limits for seeking redress cause of action type of action

Cited Legislation

AI generated
art. 89 Sv
artikel 90 van het Wetboek van Strafvordering
artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht
artikel 12 Sv
Het Gerechtshof te Amsterdam heeft in een procedure ingevolge artikel 12 Sv de klacht gegrond verklaard en bevolen dat er alsnog nader onderzoek moet worden verricht.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf Locatie Alkmaar Enkelvoudige raadkamer Registratienummer: 11/376 Parketnummer: 14/880035-10 en 15/810064-13 Uitspraakdatum: 30 september 2013 Beschikking (art. 89 Sv.) 1Ontstaan en loop van de procedure Op 25 augustus 2011 is ter griffie van de rechtbank Alkmaar, per fax ingekomen een door mr. V.A. Groeneveld, advocaat, ingediend verzoekschrift van [A], verzoeker, geboren [datum], woonplaats kiezende te (1071 VG) Amsterdam, aan de Roelof Hartstraat 31, op het kantoor van mr. Groeneveld voornoemd.

Het verzoekschrift strekt tot toekenning aan verzoeker van een vergoeding ten laste van de Staat ten bedrage van € 5.000,- als vergoeding voor immateriële schade. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot mondelinge behandeling van het verzoek. 2Beoordeling Op de voet van het bepaalde in artikel 89 en artikel 90 van het Wetboek van Strafvordering kan de gewezen verdachte – indien de strafzaak is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht – aanspraak maken op vergoeding van de schade die hij ten gevolge van ondergane verzekering of voorlopige hechtenis heeft geleden.

In deze zaak heeft de officier van justitie bij brief van 25 mei 2011 aan verzoeker onder meer het volgende meegedeeld: “(…) Door middel van deze brief deel ik u mede dat is besloten dat geen verdere strafvervolging tegen u zal worden ingesteld. (…) Ondanks het feit dat er tot vervolging voor (…) mishandelingen zou kunnen worden overgegaan, zullen deze aangiftes geseponeerd worden, aangezien het Openbaar Ministerie van oordeel is dat u “door feit en/of gevolgen bent getroffen”. De zaken zijn hiermee afgedaan, tenzij (…) het Gerechtshof alsnog vervolging beveelt.

Dat kan als een ander, in dit geval de nabestaanden (…), zich beklagen over deze beslissingen.” Dat laatste is het geval gebleken. Het Gerechtshof te Amsterdam heeft in een procedure ingevolge artikel 12 Sv de klacht gegrond verklaard en bevolen dat er alsnog nader onderzoek moet worden verricht. Dat heeft erin geresulteerd dat op dit moment onder parketnummer 15/810064-13 de strafzaak tegen verzoeker nog steeds aanhangig is. De strafzaak is dus nog niet geëindigd en daarom kan verzoeker niet in zijn verzoek worden ontvangen. Hij zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard. 3Beslissing De rechtbank:

Verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek.

4Samenstelling raadkamer en uitspraakdatum

Deze beschikking is gegeven door mr. L.J. Saarloos, rechter, in tegenwoordigheid van M. de Haas, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 30 september 2013.