ECLI:NL:RBLIM:2022:1017 · Rechtbank Limburg
Legislator summary
AI generatedvonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer: C/03/300769 / KG ZA 22-12 Vonnis in kort geding van 10 februari 2022 in de zaak van [eiser] , wonende te [woonplaats 1] , eiser, advocaat mr. P.M.H. Cruts; tegen: [gedaagde] , wonende te [woonplaats 2] , gedaagde, advocaat mr. J.P.C.M. van Riet. Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden. 1Het verloop van de procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding met producties 1 t/m 8; de op 3 februari 2021 gehouden mondelinge behandeling. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De beoordeling 2.1. De primaire vordering ligt, als niet-weersproken, voor toewijzing gereed. 2.2. Op voorstel van de voorzieningenrechter gaan partijen akkoord met compensatie van de proceskosten, zodat dienovereenkomstig zal worden geoordeeld.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBLIM:2022:1017 · Rechtbank Limburg: P.M.H. Cruts; tegen: [gedaagde] , wonende te [woonplaats 2] , gedaagde, advocaat mr. J.P.C.M. van Riet. Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden. 1Het verloop van de procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding met producties 1 t/m 8; de op 3 februari 2021 gehouden mondelinge behandeling. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De beoordeling 2.1. De primaire vordering ligt, als niet-weersproken, voor toewijzing gereed. 2.2. Op voorstel van de voorzieningenrechter gaan partijen akkoord met compensatie van de proceskosten, zodat dienovereenkomstig zal worden geoordeeld.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer: C/03/300769 / KG ZA 22-12 Vonnis in kort geding van 10 februari 2022 in de zaak van [eiser] , wonende te [woonplaats 1] , eiser, advocaat mr. P.M.H. Cruts; tegen: [gedaagde] , wonende te [woonplaats 2] , gedaagde, advocaat mr. J.P.C.M. van Riet. Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden. 1Het verloop van de procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding met producties 1 t/m 8; de op 3 februari 2021 gehouden mondelinge behandeling. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De beoordeling 2.1. De primaire vordering ligt, als niet-weersproken, voor toewijzing gereed. 2.2. Op voorstel van de voorzieningenrechter gaan partijen akkoord met compensatie van de proceskosten, zodat dienovereenkomstig zal worden geoordeeld.
3De beslissing
De voorzieningenrechter: 3.1. veroordeelt [gedaagde] om uiterlijk binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis medewerking te verlenen, dan wel uitvoering te geven aan de door partijen gemaakte afspraken in de door partijen getroffen schikking d.d. 16 november 2021; 3.2. veroordeelt [gedaagde] tot betaling van een dwangsom van € 100,-- per dag met een maximum van € 28.000,--, voor elke dag of deel daarvan dat [gedaagde] niet voldoet aan de veroordeling onder 3.1.; 3.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; 3.4. compenseert de proceskosten, in die zin dat iedere partij haar eigen kosten draagt; 3.5. wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Sijmonsma, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken. type: MT MT