Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBLIM:2020:8227 ECLI:NL:RBLIM:2020:8227 AI generated

ECLI:NL:RBLIM:2020:8227 · Rechtbank Limburg

Case Number ECLI:NL:RBLIM:2020:8227
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/281628 / HA ZA 20-425 Vonnis in incident van 21 oktober 2020 in de zaak van [eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident] , wonend te [woonplaats 1] , eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident, advocaat mr. M.J. Drost, tegen [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] , wonend te [woonplaats 2] , gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident, advocaat mr. E. van Haasteren. Partijen zullen hierna [eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident] en [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] genoemd worden. 1De procedure 1.1.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBLIM:2020:8227 · Rechtbank Limburg: M.J. Drost, tegen [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] , wonend te [woonplaats 2] , gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident, advocaat mr. E. van Haasteren. Partijen zullen hierna [eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident] en [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] genoemd worden. 1De procedure 1.1.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/281628 / HA ZA 20-425 Vonnis in incident van 21 oktober 2020 in de zaak van [eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident] , wonend te [woonplaats 1] , eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident, advocaat mr. M.J. Drost, tegen [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] , wonend te [woonplaats 2] , gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident, advocaat mr. E. van Haasteren. Partijen zullen hierna [eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident] en [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] genoemd worden. 1De procedure 1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding tevens houdende de incidentele vordering tot voeging met producties 1 t/m 9 het B3-formulier waarop is vermeld dat [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] geen verweer voert tegen voeging van zaken. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident. 2De beoordeling in het incident 2.1. [eiseres in de hoofdzaak, eiseres in het incident] vordert dat de hoofdzaak wordt gevoegd met de bij deze rechtbank aanhangige zaken met de zaaknummers / rolnummers C/03/281302 / HA ZA 20-410 en C/03/281626 / HA ZA 20-424. [gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident] voert geen verweer tegen de voeging van zaken. 2.2.

De rechtbank is van oordeel dat de zaken nauw met elkaar samenhangen en de procedures verknocht zijn. De incidentele vordering zal derhalve worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen. 2.3. Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

3De beslissing

De rechtbank in het incident 3.1. voegt de hoofdzaak met de bij deze rechtbank aanhangige zaken met zaaknummers / rolnummers C/03/281302 / HA ZA 20-410 en C/03/281626 / HA ZA 20-424, 3.2. compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt, in de hoofdzaak 3.3. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 2 december 2020 voor conclusie van antwoord. Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Sijmonsma en in het openbaar uitgesproken. type: AH coll: