Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBLIM:2020:1172 ECLI:NL:RBLIM:2020:1172 AI generated

ECLI:NL:RBLIM:2020:1172 · Rechtbank Limburg

Case Number ECLI:NL:RBLIM:2020:1172
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/272038 / KG ZA 19-560 Herstelvonnis in kort geding van 6 februari 2020 in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres, advocaat mr. S.V.A.Y. Dassen-Vranken, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde, niet verschenen. 1Het verzoek tot verbetering 1.1. Bij brief van 31 januari 2020 is namens eiseres de voorzieningenrechter verzocht om verbetering van het op 27 januari 2020 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat de voorzieningenrechter verzuimd heeft te beslissen over de verzochte uitvoerbaarheid bij voorraad, hetgeen volgens haar een kennelijke fout is die zich voor eenvoudig herstel leent. 2De beoordeling 2.1.

Legislator headnote

AI generated

art. 31 Rv, art. 32 Rv; ECLI:NL:RBLIM:2020:1172 · Rechtbank Limburg: De voorzieningenrechter is van oordeel dat, anders dan eiseres heeft gesteld, het geen verbetering van een kennelijke fout ex art. 31 Rv betreft, maar, nu de voorzieningenrechter in haar vonnis van 27 januari 2020 heeft verzuimd te beslissen over de gevorderde uitvoerbaarheid bij voorraad verklaring, het een aanvulling betreft in de zin van art. 32 Rv. 2.2. De voorzieningenrechter is van oordeel dat ook dit deel van het gevorderde als onrechtmatig noch ongegrond voor toewijzing gereed lag, hetgeen echter abusievelijk niet in het dictum van het vonnis van 27 januari 2020 is opgenomen.

Keywords

AI generated
art. 31 Rv art. 32 Rv

Cited Legislation

AI generated
art. 31 Rv
art. 32 Rv
31 Rv betreft, maar, nu de voorzieningenrechter in haar vonnis van 27 januari 2020 heeft verzuimd te beslissen over de gevorderde uitvoerbaarheid bij voorraad verklaring, het een aanvulling betreft in de zin van art. 32 Rv.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Maastricht zaaknummer / rolnummer: C/03/272038 / KG ZA 19-560 Herstelvonnis in kort geding van 6 februari 2020 in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres, advocaat mr. S.V.A.Y. Dassen-Vranken, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde, niet verschenen. 1Het verzoek tot verbetering 1.1. Bij brief van 31 januari 2020 is namens eiseres de voorzieningenrechter verzocht om verbetering van het op 27 januari 2020 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat de voorzieningenrechter verzuimd heeft te beslissen over de verzochte uitvoerbaarheid bij voorraad, hetgeen volgens haar een kennelijke fout is die zich voor eenvoudig herstel leent. 2De beoordeling 2.1.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat, anders dan eiseres heeft gesteld, het geen verbetering van een kennelijke fout ex art. 31 Rv betreft, maar, nu de voorzieningenrechter in haar vonnis van 27 januari 2020 heeft verzuimd te beslissen over de gevorderde uitvoerbaarheid bij voorraad verklaring, het een aanvulling betreft in de zin van art. 32 Rv. 2.2. De voorzieningenrechter is van oordeel dat ook dit deel van het gevorderde als onrechtmatig noch ongegrond voor toewijzing gereed lag, hetgeen echter abusievelijk niet in het dictum van het vonnis van 27 januari 2020 is opgenomen.

In zoverre zal het verzoek dan ook toegewezen worden als volgt.

3De beslissing

De voorzieningenrechter 3.1. bepaalt dat het op 27 januari 2020 tussen eiseres en gedaagde gewezen vonnis dient te worden aangevuld, aldus dat de voorzieningenrechter het vonnis van 27 januari 2020 uitvoerbaar bij voorraad verklaart, 3.2. bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 6 februari 2020 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 27 januari 2020, 3.3. gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 27 januari 2020 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren. Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.H.A. Venner-Lijten en in het openbaar uitgesproken op 6 februari 2020. type: JC