Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBLIM:2016:6951 ECLI:NL:RBLIM:2016:6951 AI generated

ECLI:NL:RBLIM:2016:6951 · Rechtbank Limburg

Case Number ECLI:NL:RBLIM:2016:6951
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Roermond Zaaknummer: 5220834 EZ VERZ 16-184 Beschikking erfrecht van de kantonrechter van 9 augustus 2016. Gezien het op 5 juli 2016 ter griffie van de rechtbank, burgerlijk recht / kanton, locatie Roermond door mr. P.M. Oortgiesen, als kandidaat-notaris verbonden aan notariskantoor deHaastenBroecke, gevestigd te Hilversum, ingediend verzoek, waarin namens mevrouw [A] en de heer [B] , wordt verzocht in de nalatenschap van de heer [C] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1948, overleden op [overlijdensdag] 2015 en laatst wonende te [woonplaats overledene] aan de [adres overledene] , de opheffing van de vereffening te bevelen ex artikel 4:209 lid 1 BW en de gemaakte vereffeningskosten vast te stellen op een bedrag van € 2.051,28.

Legislator headnote

AI generated

artikel 4:209 lid 1 BW; ECLI:NL:RBLIM:2016:6951 · Rechtbank Limburg: Gezien het op 5 juli 2016 ter griffie van de rechtbank, burgerlijk recht / kanton, locatie Roermond door mr. P.M. Oortgiesen, als kandidaat-notaris verbonden aan notariskantoor deHaastenBroecke, gevestigd te Hilversum, ingediend verzoek, waarin namens mevrouw [A] en de heer [B] , wordt verzocht in de nalatenschap van de heer [C] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1948, overleden op [overlijdensdag] 2015 en laatst wonende te [woonplaats overledene] aan de [adres overledene] , de opheffing van de vereffening te bevelen ex artikel 4:209 lid 1 BW en de gemaakte vereffeningskosten vast te stellen op een bedrag van € 2.051,28.

Keywords

AI generated
constitutional argumentation insufficiently substantiated grievance enforcement costs motion to lift opposition objection to debt enforcement charging of procedural costs

Cited Legislation

AI generated
artikel 4:209 lid 1 BW
Verzoeker vraagt de kantonrechter om ingevolge het bepaalde in artikel 4:209 lid 1 BW de opheffing van de vereffening van de hiervoor bedoelde nalatenschap van de heer [C] .
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Roermond Zaaknummer: 5220834 EZ VERZ 16-184 Beschikking erfrecht van de kantonrechter van 9 augustus 2016. Gezien het op 5 juli 2016 ter griffie van de rechtbank, burgerlijk recht / kanton, locatie Roermond door mr. P.M. Oortgiesen, als kandidaat-notaris verbonden aan notariskantoor deHaastenBroecke, gevestigd te Hilversum, ingediend verzoek, waarin namens mevrouw [A] en de heer [B] , wordt verzocht in de nalatenschap van de heer [C] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1948, overleden op [overlijdensdag] 2015 en laatst wonende te [woonplaats overledene] aan de [adres overledene] , de opheffing van de vereffening te bevelen ex artikel 4:209 lid 1 BW en de gemaakte vereffeningskosten vast te stellen op een bedrag van € 2.051,28.

Daarnaast heeft verzoeker verzocht in verband met de kosten van publicatie van de opheffing van de vereffening te bepalen dat kan worden volstaan met publicatie op www.rechtspraak.nl en/of de Staatscourant en de aan dit verzoek verbonden griffierechten ten laste van de staat te doen komen. De kantonrechter - gezien het verzoekschrift en de daarbij gevoegde bijlagen - overweegt als volgt. Verzoeker vraagt de kantonrechter om ingevolge het bepaalde in artikel 4:209 lid 1 BW de opheffing van de vereffening van de hiervoor bedoelde nalatenschap van de heer [C] .

Verzoeker heeft dit verzoek onderbouwd met de terzake opgemaakte boedelbeschrijving. Hieruit volgt dat de geringe waarde van de baten aanleiding geeft het verzoek in te willigen. Voor het overige is niet gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen toewijzing van het verzoek tot opheffing verzetten. De gemaakte vereffeningskosten zullen worden vastgesteld op een bedrag van € 2.051,28. De kantonrechter zal daarbij bepalen dat deze ten laste van de boedel worden gebracht. De kantonrechter zal voorts bepalen dat publicatie van deze beschikking achterwege kan blijven en dat kan worden volstaan met plaatsing op www.rechtspraak.nl.

Het verzoek de griffierechten ten laste van de staat te brengen zal niet worden ingewilligd, nu de wettelijke grondslag daarvoor ontbreekt. De griffier zal zorg dragen voor inschrijving van deze beslissing in het boedelregister. De beslissing De kantonrechter - verleent de verzochte opheffing van de vereffening van de nalatenschap van de heer [C] , - stelt de vereffeningskosten vast op een bedrag van € 2.051,28 en brengt deze ten laste van de boedel, - bepaalt dat deze beschikking bekend zal worden gemaakt door plaatsing op www.rechtspraak.nl, - draagt de griffier op deze beslissing in te schrijven in het boedelregister, - wijst het meer of anders verzochte af.

Aldus gegeven door mr. A.H.M.J.F. Piëtte en in het openbaar uitgesproken. type: ph coll: