Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBHAA:2006:AX1167 ECLI:NL:RBHAA:2006:AX1167 AI generated

ECLI:NL:RBHAA:2006:AX1167 · Rechtbank Haarlem

Case Number ECLI:NL:RBHAA:2006:AX1167
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

afwijzing toepassing schuldsanering Rekest/zaaknummer: 123528 nummer verklaring: HLM0220600252 uitspraakdatum: 16 mei 2006 RECHTBANK HAARLEM ENKELVOUDIGE KAMER [verzoekster], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER, heeft op 29 maart 2006 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Ter terechtzitting van 4 mei 2006 is verzoekster gehoord. Het proces-verbaal van dit verhoor dient als hier ingevoegd te worden beschouwd. Gebleken is dat de wettelijke schuldsaneringsregeling reeds eerder ten aanzien van verzoekster van toepassing is geweest, te weten van 21 september 1999 tot en met 22 oktober 2002.

Legislator headnote

AI generated

artikel 285 lid 1 Fw; ECLI:NL:RBHAA:2006:AX1167 · Rechtbank Haarlem: Deze schuldsaneringsregeling is afgesloten met het verlenen van een schone lei. Artikel 288 lid 2 sub a Fw. bepaalt dat een verzoek kan worden afgewezen indien minder dan tien jaar voorafgaand aan de dag waarop het verzoekschrift is ingediend ten aanzien van de schuldenaar de schuldsaneringsregeling van toepassing is geweest. Gelet hierop dient sprake te zijn van bijzondere omstandigheden die een hernieuwde toelating tot de schuldsaneringsregeling kunnen rechtvaardigen. Blijkens de verklaring ex artikel 285 lid 1 Fw. heeft verzoekster een totaalschuld van € 7.655,53.

Keywords

AI generated
artikel 285 lid 1 Fw

Cited Legislation

AI generated
artikel 285 lid 1 Fw
Blijkens de verklaring ex artikel 285 lid 1 Fw.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

afwijzing toepassing schuldsanering Rekest/zaaknummer: 123528 nummer verklaring: HLM0220600252 uitspraakdatum: 16 mei 2006 RECHTBANK HAARLEM ENKELVOUDIGE KAMER [verzoekster], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER, heeft op 29 maart 2006 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Ter terechtzitting van 4 mei 2006 is verzoekster gehoord. Het proces-verbaal van dit verhoor dient als hier ingevoegd te worden beschouwd. Gebleken is dat de wettelijke schuldsaneringsregeling reeds eerder ten aanzien van verzoekster van toepassing is geweest, te weten van 21 september 1999 tot en met 22 oktober 2002.

Deze schuldsaneringsregeling is afgesloten met het verlenen van een schone lei. Artikel 288 lid 2 sub a Fw. bepaalt dat een verzoek kan worden afgewezen indien minder dan tien jaar voorafgaand aan de dag waarop het verzoekschrift is ingediend ten aanzien van de schuldenaar de schuldsaneringsregeling van toepassing is geweest. Gelet hierop dient sprake te zijn van bijzondere omstandigheden die een hernieuwde toelating tot de schuldsaneringsregeling kunnen rechtvaardigen. Blijkens de verklaring ex artikel 285 lid 1 Fw. heeft verzoekster een totaalschuld van € 7.655,53.

Verzoekster wijt het ontstaan van haar schulden aan haar inmiddels overleden vriend, die blijkens de verklaring van verzoekster buiten haar medeweten veelvuldig gokte via de telefoon en internet. Volgens verzoekster kwam zij pas achter de buitensporige mate waarin haar vriend gokte toen zij werd geconfronteerd met een extreem hoge telefoonrekening. De rechtbank stelt vast dat verzoekster een derde – haar vriend – blijkbaar gelegenheid heeft geboden te gokken op een voor rekening van verzoekster komende wijze. Dit terwijl van verzoekster in het licht van de eerdere toepasselijkheid van de schuldsaneringsregeling verwacht mocht worden dat zij alert zou zijn ten aanzien van het ontstaan van nieuwe schulden.

Dat haar vriend verzoekster ten onrechte heeft voorgehouden de door hem ontstane schulden in te lopen als hij weer zou werken doet niet af aan de eigen verantwoordelijkheid van verzoekster om na het succesvol afronden van de schuldsaneringsregeling niet wederom een voor haar onoverbrugbare schuldenlast te laten ontstaan. Gelet hierop kan niet worden geconcludeerd dat sprake is van bijzondere omstandigheden die een hernieuwde toelating tot de schuldsaneringsregeling kunnen rechtvaardigen. Dit brengt met zich mee dat het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal worden afgewezen.

BESLISSING De rechtbank: -wijst het verzoek af. Gewezen door mr. J.J. Dijk, lid van genoemde kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 mei 2006 in tegenwoordigheid van de griffier.