Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBGEL:2020:3437 ECLI:NL:RBGEL:2020:3437 AI generated

ECLI:NL:RBGEL:2020:3437 · Rechtbank Gelderland

Case Number ECLI:NL:RBGEL:2020:3437
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaakgegevens 7827787 \ CV EXPL 19-7233 \ 398 uitspraak van Vonnis in de zaak van [eiser] h.o.d.n. [bedrijfsnaam] wonende te [woonplaats] eiser in conventie verweerder in reconventie procederend in persoon tegen [gedaagde] wonende te [woonplaats] gedaagde in conventie eiser in reconventie gemachtigde: J.A.M. Drinkenburg (DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringsmaatschappij N.V.) Partijen worden hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd. 1De procedure 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 5 februari 2020 (hierna: het tussenvonnis) - de akte van [eiser] van 4 maart 2020 - de akte van [gedaagde] van 1 april 2020. 1.2 Vervolgens is vonnis bepaald. 2De verdere beoordeling in conventie 2.1 De kantonrechter blijft bij hetgeen in het tussenvonnis is overwogen en beslist.

Legislator headnote

AI generated

art. 6:145 BW, art. 6:130 BW; ECLI:NL:RBGEL:2020:3437 · Rechtbank Gelderland: Door dat wel te doen zou hij (immers) de vordering van [eiser] erkennen. Het gevolg van de verrekening zou overigens ongeveer op hetzelfde neerkomen als het resultaat van deze beide procedures tezamen.

Keywords

AI generated
action for payment counterclaim reimbursement obligation cross-claim in set-off war damages reparation repair costs

Cited Legislation

AI generated
art. 6:145 BW
Weliswaar behoudt [gedaagde] bij cessie zijn verweermiddelen tegen de vordering (art. 6:145 BW) en kan hij onder omstandigheden zelfs tot verrekening overgaan tegenover [eiser] van een vordering op Dakonderhoud Utrecht (art.
art. 6:130 BW
Weliswaar behoudt [gedaagde] bij cessie zijn verweermiddelen tegen de vordering (art. 6:145 BW) en kan hij onder omstandigheden zelfs tot verrekening overgaan tegenover [eiser] van een vordering op Dakonderhoud Utrecht (art.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaakgegevens 7827787 \ CV EXPL 19-7233 \ 398 uitspraak van Vonnis in de zaak van [eiser] h.o.d.n. [bedrijfsnaam] wonende te [woonplaats] eiser in conventie verweerder in reconventie procederend in persoon tegen [gedaagde] wonende te [woonplaats] gedaagde in conventie eiser in reconventie gemachtigde: J.A.M. Drinkenburg (DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringsmaatschappij N.V.) Partijen worden hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd. 1De procedure 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 5 februari 2020 (hierna: het tussenvonnis) - de akte van [eiser] van 4 maart 2020 - de akte van [gedaagde] van 1 april 2020. 1.2 Vervolgens is vonnis bepaald. 2De verdere beoordeling in conventie 2.1 De kantonrechter blijft bij hetgeen in het tussenvonnis is overwogen en beslist.

Daarin werd voorshands bewezen geoordeeld dat [gedaagde] de overeengekomen prijs van € 4.000,- contant aan Dakonderhoud Utrecht heeft betaald. [eiser] is vervolgens toegelaten tot het leveren van tegenbewijs. 2.2 [eiser] heeft hierover in zijn akte enkel gezegd dat de mondelinge afspraak, waarop hij zich beroept en waarin in afwijking van de werkopdracht zou zijn overeengekomen dat betaling per bankoverboeking zou plaatsvinden, helaas niet is vastgelegd op een geluidsdrager. Daarmee is het onder 2.1 weergegeven bewijsvermoeden niet ontzenuwd en ook overigens is niet gebleken van enige afspraak als door [eiser] gesteld, zodat de contante betaling van € 4.000,- is komen vast te staan. 2.3 De vordering van [eiser] zal daarom worden afgewezen, met veroordeling van [eiser] in de kosten van de procedure als hierna weer te geven. 3De verdere beoordeling in reconventie 3.1 Met de vordering in reconventie ziet [gedaagde] eraan voorbij dat [eiser] niet zijn schuldenaar is.

Weliswaar is de vordering tot betaling van de aanneemsom door Dakonderhoud Utrecht aan [eiser] gecedeerd, maar het is toch echt Dakonderhoud Utrecht die [gedaagde] wegens wanprestatie tot schadevergoeding zal moeten aanspreken. Weliswaar behoudt [gedaagde] bij cessie zijn verweermiddelen tegen de vordering (art. 6:145 BW) en kan hij onder omstandigheden zelfs tot verrekening overgaan tegenover [eiser] van een vordering op Dakonderhoud Utrecht (art. 6:130 BW), een vordering tot schadevergoeding wegens wanprestatie dient [gedaagde] te richten tegen de degene met wie hij de overeenkomst tot reparatie van de daken is aangegaan (zie ook Asser 6-II, tweede gedeelte, nr. 264). 3.2 De vordering zal daarom worden afgewezen, met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure. 3.3 [gedaagde] doet geen beroep op verrekening.

Door dat wel te doen zou hij (immers) de vordering van [eiser] erkennen. Het gevolg van de verrekening zou overigens ongeveer op hetzelfde neerkomen als het resultaat van deze beide procedures tezamen.

4De beslissing

De kantonrechter in conventie: 4.1 wijst de vordering af; 4.2 veroordeelt [eiser] in de kosten van de procedure, tot dit vonnis aan de zijde van [gedaagde] bepaald op € 480,- voor salaris van de gemachtigde, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf veertien dagen na betekening van dit vonnis, voor zover dan niet aan deze veroordeling zal zijn voldaan; 4.3 verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; in reconventie: 4.4 wijst de vordering af; 4.5 veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, tot dit vonnis aan de zijde van [eiser] bepaald op € 240,- voor salaris van de gemachtigde. Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. R.J.J. van Acht en uitgesproken in het openbaar op