Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2025:2302 ECLI:NL:RBDHA:2025:2302 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2025:2302 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2025:2302
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL24.49771 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker], verzoeker, V-nummer: [nummer], (gemachtigde: mr. M.S. Dunant Maurits), en de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. K. Nuninga). Inleiding Bij besluit van 11 december 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als ongegrond. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2025:2302 · Rechtbank Den Haag: M.S. Dunant Maurits), en de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. K. Nuninga). Inleiding Bij besluit van 11 december 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als ongegrond. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL24.49771 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker], verzoeker, V-nummer: [nummer], (gemachtigde: mr. M.S. Dunant Maurits), en de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: mr. K. Nuninga). Inleiding Bij besluit van 11 december 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als ongegrond. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL24.49770, op 11 februari 2025 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen A. Bentaieb. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Beoordeling door de voorzieningenrechter 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.49770, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig.

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Munsterman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N. Walstra, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.