ECLI:NL:RBDHA:2025:2152 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummers: NL24.44785 en NL24.44787 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker] , verzoeker, V-nummer: [V-nummer 1] , en [verzoekster] , verzoekster, V-nummer: [V-nummer 2] , mede namens hun minderjarige zoon [minderjarige], V-nummer: [V-nummer 3] , hierna gezamenlijk te noemen: verzoekers (gemachtigde: mr. M.M. Polman), en de minister van Asiel en Migratie, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 7 november 2024 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet-ontvankelijk verklaard.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2025:2152 · Rechtbank Den Haag: Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL24.44784 en NL24.44786, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummers: NL24.44785 en NL24.44787 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker] , verzoeker, V-nummer: [V-nummer 1] , en [verzoekster] , verzoekster, V-nummer: [V-nummer 2] , mede namens hun minderjarige zoon [minderjarige], V-nummer: [V-nummer 3] , hierna gezamenlijk te noemen: verzoekers (gemachtigde: mr. M.M. Polman), en de minister van Asiel en Migratie, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 7 november 2024 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet-ontvankelijk verklaard.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL24.44784 en NL24.44786, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan op 13 februari 2025 door mr. M.J. Schouw, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Algemene wet bestuursrecht.