ECLI:NL:RBDHA:2025:19728 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: AWB 25/16045 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 oktober 2025 in de zaak tussen [naam eiser], eiser geboren op [geboortedatum eiser], V-nummer: [V-nummer eiser] en het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, verweerder. Inleiding 1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen een besluit van verweerder. 1.1. Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. 1.2.
Legislator headnote
AI generatedArtikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBDHA:2025:19728 · Rechtbank Den Haag: Inleiding 1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen een besluit van verweerder. 1.1. Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. 1.2.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: AWB 25/16045 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 oktober 2025 in de zaak tussen [naam eiser], eiser geboren op [geboortedatum eiser], V-nummer: [V-nummer eiser] en het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, verweerder. Inleiding 1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen een besluit van verweerder. 1.1. Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. 1.2.
De rechtbank heeft eiser een herstel-verzuim brief verstuurd op 14 augustus 2025. Hier is geen reactie van eiser op ontvangen. Op 16 september 2025 is aan eiser nogmaals een herinneringsbrief gestuurd. Deze brief is retour gekomen bij de rechtbank op 25 september 2025 met daarbij vermeld dat eiser niet bekend is op het betreffende adres. Bij aangetekend verzonden brief van 26 september 2025 is nogmaals een herstel-verzuim brief aan eiser verzonden. Deze brief is retour ontvangen door de rechtbank op 20 oktober 2025, omdat de brief niet is afgehaald bij het PostNL-punt.
Beoordeling door de rechtbank Nu er van eiser geen adres bekend is, geldt de veronderstelling dat eiser niet langer een inhoudelijke beoordeling van het beroep verlangt. Het is aan eiser om aannemelijk te maken dat deze veronderstelling onjuist is en daarmee nog sprake is van procesbelang. Gelet op het voorgaande is de rechter van oordeel dat er geen sprake meer is van procesbelang. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. C.H. de Groot, rechter, in aanwezigheid van M.S.G. van der Werf, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. griffier rechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over verzet Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.