Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2025:16062 ECLI:NL:RBDHA:2025:16062 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2025:16062 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2025:16062
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL25.23373 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoeker, V-nummer: [nummer], (gemachtigde: mr. L.J. Meijering), en de minister van Asiel en Migratie, de minister(gemachtigde: mr. L. Augustinus). Inleiding 1. Bij besluit van 22 mei 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen omdat Zweden verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. 1.1. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Beoordeling door de rechtbank 2. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2025:16062 · Rechtbank Den Haag: Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. V.A.G. van Dijk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.A. Postma, griffier. De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Keywords

AI generated
ministerial responsibility minister of justice violence against officials secretary of homeland security trust in government administrative status of officials
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL25.23373 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoeker, V-nummer: [nummer], (gemachtigde: mr. L.J. Meijering), en de minister van Asiel en Migratie, de minister(gemachtigde: mr. L. Augustinus). Inleiding 1. Bij besluit van 22 mei 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen omdat Zweden verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. 1.1. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Beoordeling door de rechtbank 2. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting.

3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.23372, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. V.A.G. van Dijk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.A. Postma, griffier. De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.