Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2024:18367 ECLI:NL:RBDHA:2024:18367 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2024:18367 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2024:18367
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL24.23766 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam] V-nummer: [nummer], [naam] V-nummer: [nummer], [naam] V-nummer: [nummer], [naam] V-nummer: [nummer], gezamenlijk: eisers, (gemachtigde: M.E.M. Jacquemard), en de minister van Asiel en Migratie, de minister. Overwegingen 1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eisers tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag van 2 oktober 2023 om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor verblijf als familie- of gezinslid bij [naam] (referent) in het kader van nareis.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBDHA:2024:18367 · Rechtbank Den Haag: De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Beoordeling door de rechtbank 3. Eisers hebben op 6 juni 2024 een eerste beroep (NL24.23668) tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag ingediend. Op 7 juni 2024 is nogmaals een beroep (NL24.23766) tegen het niet tijdig beslissen op dezelfde aanvraag ingediend. Bij uitspraak van vandaag heeft deze rechtbank en zittingsplaats uitspraak gedaan in het beroep van 6 juni 2024.

Keywords

AI generated
undue delay in asylum suspension of naturalization Nigerian asylum application prolonged absence abroad expired residence permit visa for temporary stay

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL24.23766 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam] V-nummer: [nummer], [naam] V-nummer: [nummer], [naam] V-nummer: [nummer], [naam] V-nummer: [nummer], gezamenlijk: eisers, (gemachtigde: M.E.M. Jacquemard), en de minister van Asiel en Migratie, de minister. Overwegingen 1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eisers tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag van 2 oktober 2023 om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor verblijf als familie- of gezinslid bij [naam] (referent) in het kader van nareis.

2. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Beoordeling door de rechtbank 3. Eisers hebben op 6 juni 2024 een eerste beroep (NL24.23668) tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag ingediend. Op 7 juni 2024 is nogmaals een beroep (NL24.23766) tegen het niet tijdig beslissen op dezelfde aanvraag ingediend. Bij uitspraak van vandaag heeft deze rechtbank en zittingsplaats uitspraak gedaan in het beroep van 6 juni 2024.

4. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eisers procesbelang hebben bij een beoordeling van hun tweede beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang. Er is door deze rechtbank en zittingsplaats immers al beslist op het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag van eisers. Aangezien de rechtbank niet twee keer kan beslissen op een beroep gericht tegen hetzelfde niet tijdig nemen van een besluit dat hetzelfde doel dient, namelijk het verzoek tot het opleggen van een beslistermijn aan de minister, hebben eisers geen belang bij hun tweede beroep.

5. Ten overvloede merkt de rechtbank op dat eisers geen nieuwe feiten en omstandigheden, dan wel een relevante wijziging van recht aan dit beroep ten grondslag hebben gelegd. Conclusie en gevolgen 6. Het beroep van eisers tegen het niet tijdig nemen van een besluit is kennelijk niet-ontvankelijk.

7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing 8. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van mr. B.A. Smit, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.