Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2023:920 ECLI:NL:RBDHA:2023:920 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2023:920 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2023:920
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.17183 V-nummers: [nummer 1] [nummer 2] en [nummer 3] uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [naam 1], verzoekster, mede namens haar minderjarige kinderen [naam 2] , verzoeker 1, [naam 3] , verzoeker 2, hierna tezamen: verzoekers, (gemachtigde: mr. H.E. Visscher), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder, (gemachtigde: mr. E.H.J. de Bonth). Procesverloop Bij besluit van 29 augustus 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoekers buiten behandeling gesteld.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2023:920 · Rechtbank Den Haag: Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C.J. van Dooijeweert, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. Ben Sellam, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Op grond van artikel 30c, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).

Keywords

AI generated
urgent preliminary ruling procedure principle of expeditious proceedings unjustified procedural delay untimely request for extension lack of urgency provisional enforceability
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.17183 V-nummers: [nummer 1] [nummer 2] en [nummer 3] uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [naam 1], verzoekster, mede namens haar minderjarige kinderen [naam 2] , verzoeker 1, [naam 3] , verzoeker 2, hierna tezamen: verzoekers, (gemachtigde: mr. H.E. Visscher), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder, (gemachtigde: mr. E.H.J. de Bonth). Procesverloop Bij besluit van 29 augustus 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoekers buiten behandeling gesteld.

Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaken NL22.17182, op 13 oktober 2022 op zitting behandeld. Verzoekster is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Als tolk is verschenen G.M.A. Al-Harbia. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL22.17182, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep.

Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C.J. van Dooijeweert, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. Ben Sellam, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Op grond van artikel 30c, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).