Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2023:8656 ECLI:NL:RBDHA:2023:8656 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2023:8656 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2023:8656
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Op grond van artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Wanneer tegen een besluit beroep is ingesteld, kan de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening treffen als verzoekster daarom vraagt. Dit kan alleen als er sprake is van onmiddellijke spoed. Dit betekent dat de beslissing op het beroep absoluut niet kan worden afgewacht. Om dit te beoordelen moet de voorzieningenrechter de belangen van verzoekster afwegen tegen de belangen van verweerder.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2023:8656 · Rechtbank Den Haag: Overwegingen 1. De voorzieningenrechter doet vanwege onverwijlde spoed uitspraak zonder zitting.1 2. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een bodemgeding niet.

Keywords

AI generated
stay of building permit standing against building permit action for disturbance of possession unpermitted structures late objection to debt enforcement action for abatement of nuisance
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.16921 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoekster] , verzoekster V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. L.M. Straver), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. Y. van Deel-ten Cate). Procesverloop In de brief van 26 september 2022 heeft verweerder de Spaanse autoriteiten geïnformeerd dat de overdracht van verzoekster aan Spanje is opgeschort op grond van artikel 27, derde lid, van de Dublinverordening. Verzoekster heeft tegen de opschorting beroep ingesteld, welk beroep is geregistreerd onder zaaknummer NL23.8536.

Dit beroep zal op de zitting van 27 juni 2023 door deze rechtbank worden behandeld. Op 6 juni 2023 heeft verzoekster de kennisgeving gekregen dat zij op 12 juni 2023 om 14.15 uur met vluchtnummer [vluchtnummer] zal uitreizen naar Barcelona, Spanje. Op 9 juni 2023 heeft verzoekster de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen om te voorkomen dat zij aan Spanje wordt overgedragen voordat op haar beroep is beslist, danwel voordat haar beroep ter zitting is behandeld. Verweerder heeft gereageerd op het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen 1. De voorzieningenrechter doet vanwege onverwijlde spoed uitspraak zonder zitting.1 2. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een bodemgeding niet.

1. Op grond van artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

3. Wanneer tegen een besluit beroep is ingesteld, kan de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening treffen als verzoekster daarom vraagt. Dit kan alleen als er sprake is van onmiddellijke spoed. Dit betekent dat de beslissing op het beroep absoluut niet kan worden afgewacht. Om dit te beoordelen moet de voorzieningenrechter de belangen van verzoekster afwegen tegen de belangen van verweerder.

4. Verweerder heeft telefonisch en in de brief van 9 juni 2023 (geüpload in het beroepsdossier) laten weten dat hij zich niet verzet tegen toewijzing van de gevraagde voorlopige voorziening.

5. Nu partijen het er over eens zijn dat verzoekster voorlopig niet moet worden overgedragen aan Spanje, wijst de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening toe en verbiedt uitzetting tot vier weken nadat op het beroep is beslist.

6. De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 837,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en een wegingsfactor 1). Beslissing De voorzieningenrechter: wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe; verbiedt verweerder verzoekster uit Nederland te verwijderen tot vier weken nadat op het beroep is beslist; veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 837,-. Deze uitspraak is gedaan door mr. M.C. Verra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Westerhof, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 09 juni 2023 Documentcode: [documentcode] Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.