ECLI:NL:RBDHA:2023:7194 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.9818 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoekster V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. A. Jankie), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Verweerder heeft bij ambtshalve besluit van 24 mei 2022 (het bestreden besluit) de toepassing van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 200 (Vw) geweigerd. Verzoekster heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen opdat zij de beslissing op bezwaar in Nederland mag afwachten.
Legislator headnote
AI generatedartikel 29 van de Vw; ECLI:NL:RBDHA:2023:7194 · Rechtbank Den Haag: A. Jankie), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Verweerder heeft bij ambtshalve besluit van 24 mei 2022 (het bestreden besluit) de toepassing van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 200 (Vw) geweigerd. Verzoekster heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen opdat zij de beslissing op bezwaar in Nederland mag afwachten.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.9818 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoekster V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. A. Jankie), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Verweerder heeft bij ambtshalve besluit van 24 mei 2022 (het bestreden besluit) de toepassing van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 200 (Vw) geweigerd. Verzoekster heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen opdat zij de beslissing op bezwaar in Nederland mag afwachten.
De voorzieningenrechter heeft met toepassing van artikel 8:83, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft. Overwegingen 1. Verzoekster is van Angolese afkomst en is geboren op [Geboortedatum] 2. De voorzieningenrechter stelt vast dat verweerder bij besluit van 20 februari 2023 een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29 van de Vw aan verzoekster heeft verleend. Als gevolg hiervan heeft verzoekster rechtmatig verblijf in Nederland en rust er geen vertrekplicht meer op haar.
Gelet hierop is uitstel van vertrek niet meer aan de orde en zal het bezwaar naar verwachting dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard. Het verzoek zal daarom worden afgewezen.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.S.S. van der Velde, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.