ECLI:NL:RBDHA:2023:19741 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generateduitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummers: NL23.31486 en NL23.31488 V-nummers: [Nummer 1] en [Nummer 2] uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [Naam 1], verzoeker, [Naam 2] , verzoekster, hierna tezamen: verzoekers, (gemachtigde: mr. M.H. Steenbergen), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 3 oktober 2023 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.1 Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2023:19741 · Rechtbank Den Haag: Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Awb2 uitspraak buiten zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL23.31485 en NL23.31487, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummers: NL23.31486 en NL23.31488 V-nummers: [Nummer 1] en [Nummer 2] uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [Naam 1], verzoeker, [Naam 2] , verzoekster, hierna tezamen: verzoekers, (gemachtigde: mr. M.H. Steenbergen), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 3 oktober 2023 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.1 Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld.
Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Awb2 uitspraak buiten zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL23.31485 en NL23.31487, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing 1. Op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). 2 Algemene wet bestuursrecht. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van M. Elmi, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op: Documentcode: DSR32166509 Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.