Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2023:15232 ECLI:NL:RBDHA:2023:15232 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2023:15232 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2023:15232
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL22.24472 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoekster] , verzoekster V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. A.C. de Klerk), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: M.G. Meyboom-de Jong). Procesverloop In het besluit van 29 november 2022 heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier met als doel “Privéleven conform artikel 8 EVRM1” afgewezen. Verzoekster heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Partijen hebben de voorzieningenrechter toestemming gegeven om de zaak zonder zitting af te doen. Overwegingen 1. Verzoekster heeft verzocht om vrijstelling van betaling van het griffierecht. De voorzieningenrechter ziet, mede op basis van de verstrekte gegevens, aanleiding om het verzoek toe te wijzen.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBDHA:2023:15232 · Rechtbank Den Haag: Wanneer tegen een besluit bezwaar is gemaakt, kan de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening treffen als verzoekster daarom vraagt. Dit kan alleen als er sprake is van onmiddellijke spoed. Dit betekent dat de beslissing op het bezwaar absoluut niet kan worden afgewacht. Om dit te beoordelen moet de voorzieningenrechter de belangen van verzoekster afwegen tegen de belangen van verweerder.2 3. Verweerder heeft in de brief van 24 maart 2023 laten weten dat hij zich niet verzet tegen toewijzing van de voorlopige voorziening. Bij brief van 19 april 2023 heeft 1. Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden 2 Dit volgt uit artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). verweerder toegezegd dat hij de proceskosten van eiseres zal vergoeden.

Keywords

AI generated
financial hardship short-term financing late objection to debt enforcement ongoing social benefits suspension of pension ex parte interim measure

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht
Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden 2 Dit volgt uit artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL22.24472 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoekster] , verzoekster V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. A.C. de Klerk), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: M.G. Meyboom-de Jong). Procesverloop In het besluit van 29 november 2022 heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier met als doel “Privéleven conform artikel 8 EVRM1” afgewezen. Verzoekster heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Partijen hebben de voorzieningenrechter toestemming gegeven om de zaak zonder zitting af te doen. Overwegingen 1. Verzoekster heeft verzocht om vrijstelling van betaling van het griffierecht. De voorzieningenrechter ziet, mede op basis van de verstrekte gegevens, aanleiding om het verzoek toe te wijzen.

2. Wanneer tegen een besluit bezwaar is gemaakt, kan de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening treffen als verzoekster daarom vraagt. Dit kan alleen als er sprake is van onmiddellijke spoed. Dit betekent dat de beslissing op het bezwaar absoluut niet kan worden afgewacht. Om dit te beoordelen moet de voorzieningenrechter de belangen van verzoekster afwegen tegen de belangen van verweerder.2 3. Verweerder heeft in de brief van 24 maart 2023 laten weten dat hij zich niet verzet tegen toewijzing van de voorlopige voorziening. Bij brief van 19 april 2023 heeft 1. Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden 2 Dit volgt uit artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). verweerder toegezegd dat hij de proceskosten van eiseres zal vergoeden.

4. De voorzieningenrechter overweegt dat de werking van het bestreden besluit niet wordt geschorst, ook niet als tegen dat besluit bezwaar is gemaakt.3 Verder heeft verweerder op grond van de wet zelf geen bevoegdheid de rechtsgevolgen van het bestreden besluit op te schorten.

5. Nu partijen het er over eens zijn dat verzoekster voorlopig niet moet worden uitgezet, wijst de voorzieningenrechter de voorlopige voorziening toe en verbiedt de uitzetting tot op het bezwaar is beslist. Beslissing De voorzieningenrechter: wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe; verbiedt verweerder verzoekster uit Nederland te verwijderen tot op het bezwaar is beslist. Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.M. van Luijk - Salomons, griffier. 3 Op grond van artikel 6:16van de Awb in samenhang met artikel 73, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 22 augustus 2023 Documentcode: [documentcode] Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.