ECLI:NL:RBDHA:2022:9507 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL22.8097 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [Naam], eiseres V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. O. Sarac), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Eiseres heeft tegen de beslissing op bezwaar van verweerder van 15 april 2022 (het bestreden besluit) beroep ingesteld. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Op grond van artikel 8:41, eerste lid, van de Awb wordt van de indiener van een beroepschrift griffierecht geheven. Voor eiseres is het griffierecht vastgesteld op €184,-.
Legislator headnote
AI generatedartikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBDHA:2022:9507 · Rechtbank Den Haag: De griffier heeft bij brief van 16 mei 2022 eiseres in de gelegenheid gesteld het griffierecht binnen twee weken te betalen, dan wel binnen deze termijn een onderbouwd beroep te doen op betalingsonmacht.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL22.8097 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [Naam], eiseres V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. O. Sarac), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Eiseres heeft tegen de beslissing op bezwaar van verweerder van 15 april 2022 (het bestreden besluit) beroep ingesteld. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Op grond van artikel 8:41, eerste lid, van de Awb wordt van de indiener van een beroepschrift griffierecht geheven. Voor eiseres is het griffierecht vastgesteld op €184,-.
2. Eiseres heeft een beroep gedaan op betalingsonmacht. Eiseres heeft geen gegevens aangeleverd ter onderbouwing van het beroep op betalingsonmacht.
3. De griffier heeft bij brief van 16 mei 2022 eiseres in de gelegenheid gesteld het griffierecht binnen twee weken te betalen, dan wel binnen deze termijn een onderbouwd beroep te doen op betalingsonmacht.
4. Bij brief van 2 juni 2022 is aan eiseres een herinnering gestuurd, waarbij is gewezen op de brief van 16 mei 2022 tot betaling van het griffierecht, dan wel het aanleveren van gegevens ter onderbouwing van het beroep op betalingsonmacht. Eiseres is verzocht binnen twee weken een reactie te geven.
5. De rechtbank stelt vast dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn is ontvangen, dan wel dat de gegevens ter onderbouwing van het beroep op betalingsonmacht niet binnen de gestelde termijn zijn aangeleverd.
6. Eiseres heeft geen reden gegeven voor dit verzuim. Er is dus geen verontschuldiging voor dit verzuim gebleken.
7. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid van mr. E.C. Jacobs, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan binnen 6 weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij deze rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.