Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2022:8170 ECLI:NL:RBDHA:2022:8170 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:8170 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2022:8170
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.6680 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoekster V-nummer: [nummer] (gemachtigde: mr. R.C. van den Berg), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.J.F.M. van Raak). Procesverloop In het besluit van 19 november 2021 (primaire besluit) heeft verweerder vastgesteld dat het verblijfsrecht van verzoekster verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan is geëindigd. In het besluit van 23 maart 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder verzoekster haar bezwaren ongegrond verklaard.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:8170 · Rechtbank Den Haag: R.C. van den Berg), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.J.F.M. van Raak). Procesverloop In het besluit van 19 november 2021 (primaire besluit) heeft verweerder vastgesteld dat het verblijfsrecht van verzoekster verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan is geëindigd. In het besluit van 23 maart 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder verzoekster haar bezwaren ongegrond verklaard.

Keywords

AI generated
procedural costs unpaid advance on costs debt enforcement costs dismissal and abandonment of proceedings remission of costs consequential costs
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.6680 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoekster V-nummer: [nummer] (gemachtigde: mr. R.C. van den Berg), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.J.F.M. van Raak). Procesverloop In het besluit van 19 november 2021 (primaire besluit) heeft verweerder vastgesteld dat het verblijfsrecht van verzoekster verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan is geëindigd. In het besluit van 23 maart 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder verzoekster haar bezwaren ongegrond verklaard.

Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De rechtbank heeft het beroep, tezamen met de zaak NL.22.6679, op 14 juli 2022 op zitting behandeld te Breda. Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde via videoverbinding. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank het beroep in de bodemzaak, met zaaknummer NL.22.6679, ongegrond verklaard. De voorzieningenrechter zal daarom het verzoek om een voorlopige voorziening afwijzen.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing - De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. K. Verschueren, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.D.C.J. Verheezen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.