Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2022:8024 ECLI:NL:RBDHA:2022:8024 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:8024 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2022:8024
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL22.4008 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. P.L.M. Stieger), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop In het besluit van 19 december 2021 (primair besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser voor een verblijfsvergunning regulier voor het verblijfsdoel ‘familie en gezin’ afgewezen op grond van artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht. In het besluit van 9 februari 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.

Legislator headnote

AI generated

artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBDHA:2022:8024 · Rechtbank Den Haag: P.L.M. Stieger), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop In het besluit van 19 december 2021 (primair besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser voor een verblijfsvergunning regulier voor het verblijfsdoel ‘familie en gezin’ afgewezen op grond van artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht. In het besluit van 9 februari 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.

Keywords

AI generated
discontinuation of proceedings withdrawal of opposition unjustified procedural delay right to a decision withdrawal of action procedural objections

Cited Legislation

AI generated
artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht
Procesverloop In het besluit van 19 december 2021 (primair besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser voor een verblijfsvergunning regulier voor het verblijfsdoel ‘familie en gezin’ afgewezen op grond van artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL22.4008 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. P.L.M. Stieger), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop In het besluit van 19 december 2021 (primair besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser voor een verblijfsvergunning regulier voor het verblijfsdoel ‘familie en gezin’ afgewezen op grond van artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht. In het besluit van 9 februari 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft. Vervolgens is het onderzoek gesloten. Overwegingen Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL22.4007, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C.J. van Dooijeweert, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.