Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2022:7786 ECLI:NL:RBDHA:2022:7786 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:7786 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2022:7786
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: AWB 21/5150 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoeker, V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. C.N. Noordzee), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 3 augustus 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen de intrekking van zijn verblijfsvergunning van 18 januari 2021 (het primaire besluit) ongegrond verklaard. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van 19 april 2022, zaaknummer AWB 21/5149, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:7786 · Rechtbank Den Haag: Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. K. Verschueren, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. Ben Sellam, griffier, op 22 juli 2022 en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Keywords

AI generated
procedural costs advances on costs compliance with the pre-litigation procedure urgent preliminary ruling procedure duty of provisional benefit payment security for party costs
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: AWB 21/5150 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoeker, V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. C.N. Noordzee), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 3 augustus 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen de intrekking van zijn verblijfsvergunning van 18 januari 2021 (het primaire besluit) ongegrond verklaard. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van 19 april 2022, zaaknummer AWB 21/5149, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. K. Verschueren, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. Ben Sellam, griffier, op 22 juli 2022 en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.