Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2022:3428 ECLI:NL:RBDHA:2022:3428 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:3428 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2022:3428
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: AWB 21/4088 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoeker V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. D. Matadien), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop In het besluit van 15 maart 2021 (primair besluit) heeft verweerder de reguliere verblijfsvergunning voor bepaalde tijd van verzoeker met ingang van 30 juli 2020 ingetrokken. In het besluit van 11 juni 2021 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen het primaire besluit kennelijk ongegrond verklaard.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:3428 · Rechtbank Den Haag: Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Tevens heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 21/4087, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

Keywords

AI generated
procedural costs termination of proceedings party costs of attorney remission of costs advances on costs assumption of costs
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: AWB 21/4088 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoeker V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. D. Matadien), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop In het besluit van 15 maart 2021 (primair besluit) heeft verweerder de reguliere verblijfsvergunning voor bepaalde tijd van verzoeker met ingang van 30 juli 2020 ingetrokken. In het besluit van 11 juni 2021 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen het primaire besluit kennelijk ongegrond verklaard.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Tevens heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 21/4087, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. W. Anker, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.J.J. Sterks, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. Afschrift verzonden aan partijen op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.