ECLI:NL:RBDHA:2022:1964 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht Zaaknummer: AWB 21/5931 V-nummer: [nummer] uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoeker, gemachtigde: mr. E.S. van Aken, en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder, gemachtigde: mr. H.J. Metselaar. Procesverloop Verzoeker heeft op 11 oktober 2021 beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 14 september 2021 (het bestreden besluit). Dit beroep is bij de rechtbank bekend onder zaaknummer AWB 21/5930. Verzoeker heeft de voorzieningenrechter tevens verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De behandeling van het beroep heeft plaatsgevonden op 14 januari 2022. De voorzieningenrechter heeft ten aanzien van het verzoek om voorlopige voorziening bepaald dat het onderzoek ter zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb achterwege blijft. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank het beroep waarop dit verzoek om voorlopige voorziening betrekking heeft ongegrond verklaard. Om die reden wordt het verzoek afgewezen.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2022:1964 · Rechtbank Den Haag: Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, op 3 maart 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. de griffier is niet in de gelegenheid om de uitspraak te ondertekenen voorzieningenrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht Zaaknummer: AWB 21/5931 V-nummer: [nummer] uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoeker, gemachtigde: mr. E.S. van Aken, en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder, gemachtigde: mr. H.J. Metselaar. Procesverloop Verzoeker heeft op 11 oktober 2021 beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 14 september 2021 (het bestreden besluit). Dit beroep is bij de rechtbank bekend onder zaaknummer AWB 21/5930. Verzoeker heeft de voorzieningenrechter tevens verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De behandeling van het beroep heeft plaatsgevonden op 14 januari 2022. De voorzieningenrechter heeft ten aanzien van het verzoek om voorlopige voorziening bepaald dat het onderzoek ter zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb achterwege blijft. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank het beroep waarop dit verzoek om voorlopige voorziening betrekking heeft ongegrond verklaard. Om die reden wordt het verzoek afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, op 3 maart 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. de griffier is niet in de gelegenheid om de uitspraak te ondertekenen voorzieningenrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.