Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2022:14331 ECLI:NL:RBDHA:2022:14331 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:14331 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2022:14331
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL22.11137 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. T. der Bedrosian), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.H.A. van Eijk). Procesverloop Bij besluit van 13 juni 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL22.11136, op 29 juni 2022 op zitting behandeld. Verzoeker en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. Overwegingen 1. Verzoeker stelt van Iraakse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] 1993.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:14331 · Rechtbank Den Haag: Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL22.11136, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

Keywords

AI generated
Iraqi asylum application urgent preliminary ruling procedure removal to northern Iraq asylum of Sri Lankan nationals duty of provisional benefit payment advance on court costs
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL22.11137 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. T. der Bedrosian), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.H.A. van Eijk). Procesverloop Bij besluit van 13 juni 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL22.11136, op 29 juni 2022 op zitting behandeld. Verzoeker en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. Overwegingen 1. Verzoeker stelt van Iraakse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] 1993.

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL22.11136, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. S.G.M. van Veen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. R.P. Stehouwer, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 15 juli 2022 Documentcode: [documentcode] Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.