Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2022:134 ECLI:NL:RBDHA:2022:134 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:134 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2022:134
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL21.18074 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoeker v-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. M.A.C. de Vilder-van Overmeire), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder Procesverloop Bij besluit van 16 november 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 1. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2022:134 · Rechtbank Den Haag: Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL21.18073, heeft de rechtbank uitspraak gedaan en het beroep kennelijk ongegrond verklaard. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

Keywords

AI generated
discontinuation of proceedings withdrawal of legal petition urgent preliminary ruling procedure provisional suspension provisional setting aside of opposition postponement of trial
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL21.18074 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [Naam], verzoeker v-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. M.A.C. de Vilder-van Overmeire), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder Procesverloop Bij besluit van 16 november 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 1. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL21.18073, heeft de rechtbank uitspraak gedaan en het beroep kennelijk ongegrond verklaard. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S.C. Spruijt, griffier , en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.