ECLI:NL:RBDHA:2022:11092 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Amersfoort Bestuursrecht zaaknummer: NL22.3570 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. P.Th. van Alkemade), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: A. Dijcks). Procesverloop Bij besluit van 2 maart 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2022:11092 · Rechtbank Den Haag: P.Th. van Alkemade), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: A. Dijcks). Procesverloop Bij besluit van 2 maart 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Amersfoort Bestuursrecht zaaknummer: NL22.3570 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. P.Th. van Alkemade), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: A. Dijcks). Procesverloop Bij besluit van 2 maart 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft de behandeling van het verzoek ter zitting, tezamen met de zaak NL22.3569, gepland op 15 maart 2022. Partijen zijn, met bericht van verhindering, niet verschenen. Overwegingen Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL22.3569, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. L.A. Banga, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E. Mulder, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op: 16 maart 2022 Documentcode: [nummer] Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.