ECLI:NL:RBDHA:2020:5548 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Haarlem Bestuursrecht zaaknummers: NL20.9528 en NL20.9530 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker] , verzoeker V-nummers: [V-nummer 1] [verzoekster 1] , verzoekster V-nummer: [V-nummer 2] mede namens hun minderjarige kind: [verzoeker 2] , V-nummer [V-nummer 3] samen te noemen: verzoekers (gemachtigde: mr. F.S. Boedhoe), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 24 april 2020 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2020:5548 · Rechtbank Den Haag: Verzoekers hebben tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht verweerder bij wijze van voorlopige voorziening te overdracht te verbieden totdat op de beroepen is beslist. Overwegingen De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL20.9527 en NL20.9529, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Haarlem Bestuursrecht zaaknummers: NL20.9528 en NL20.9530 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker] , verzoeker V-nummers: [V-nummer 1] [verzoekster 1] , verzoekster V-nummer: [V-nummer 2] mede namens hun minderjarige kind: [verzoeker 2] , V-nummer [V-nummer 3] samen te noemen: verzoekers (gemachtigde: mr. F.S. Boedhoe), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 24 april 2020 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht verweerder bij wijze van voorlopige voorziening te overdracht te verbieden totdat op de beroepen is beslist. Overwegingen De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL20.9527 en NL20.9529, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen.
Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. E.I. Terborg-Wijnaldum, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van drs. M.A.J. Arts, griffier. De uitspraak is gedaan op: Als gevolg van maatregelen rondom het Coronavirus is deze uitspraak nog niet uitgesproken op en openbare uitsprakenzitting. Zodra het uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.