Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2020:2416 ECLI:NL:RBDHA:2020:2416 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2020:2416 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2020:2416
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL20.4927 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker, V-nummer [V-nummer] (gemachtigde: mr. E. Derksen), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. B. Berk). Procesverloop Bij besluit van 18 februari 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdafgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaren.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2020:2416 · Rechtbank Den Haag: E. Derksen), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. B. Berk). Procesverloop Bij besluit van 18 februari 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdafgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaren.

Keywords

AI generated
procedural costs lack of procedural indigence cost estimate preliminary ruling procedure overpaid insurance benefits professional expenses
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL20.4927 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker, V-nummer [V-nummer] (gemachtigde: mr. E. Derksen), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. B. Berk). Procesverloop Bij besluit van 18 februari 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdafgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaren.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL20.4926, plaatsgevonden op 12 maart 2020. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen H.C. Khanna. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.4926, heeft de rechtbank het beroep van verzoeker ongegrond verklaard.

2. Nu op het beroep van verzoeker is beslist, is een voorlopige voorziening niet meer mogelijk. Om die reden is de voorzieningenrechter van oordeel dat het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden afgewezen.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Nooijen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.E. Maas, griffier. Deze uitspraak is gedaan op: Als gevolg van de maatregelen rondom het Corona virus is deze uitspraak nu niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Dat zal op een later moment alsnog gebeuren. Deze uitspraak wordt zo snel mogelijk gepubliceerd op rechtspraak.nl. Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.