ECLI:NL:RBDHA:2020:14481 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL20.9686 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser V-nummer: [nummer] (gemachtigde: mr. P.R. van de Water), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. C.W.M. van Breda). Procesverloop Bij besluit van 23 april 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2020:14481 · Rechtbank Den Haag: Alleen in geschil is of verweerder ten onrechte geen toepassing heeft gegeven aan artikel 17 van de Dublinverordening. In dit kader heeft eiser alleen aangevoerd dat er sprake is van bijzondere, individuele omstandigheden die daartoe leiden. Deze zouden uit het uitzettingsbevel blijken.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL20.9686 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser V-nummer: [nummer] (gemachtigde: mr. P.R. van de Water), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. C.W.M. van Breda). Procesverloop Bij besluit van 23 april 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 oktober 2020. Eiser heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen 1. Niet in geschil is dat Spanje op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag van eiser.
Alleen in geschil is of verweerder ten onrechte geen toepassing heeft gegeven aan artikel 17 van de Dublinverordening. In dit kader heeft eiser alleen aangevoerd dat er sprake is van bijzondere, individuele omstandigheden die daartoe leiden. Deze zouden uit het uitzettingsbevel blijken.
2. Het uitzettingsbevel is niet meer van toepassing door de claimacceptatie van Spanje. Eiser mag terug naar Spanje en zijn asielaanvraag zal overeenkomstig de Europese verplichtingen worden behandeld door Spanje. Verweerder heeft dit in redelijkheid niet als bijzondere, individuele omstandigheden hoeven aan te merken.
3. Het beroep is ongegrond.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 29 oktober 2020 doormr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid vanmr. S. Zohrabian, griffier. Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal. Verordening (EU) nr. 604/2013.