ECLI:NL:RBDHA:2020:14385 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: AWB 19/7124 uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 oktober 2020 in de zaak tussen [verzoeker] , geboren op [geboortedatum] 1976, van Marokkaanse nationaliteit, verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. M.J.A. Bakker), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. I.E. Lemmers). Procesverloop Bij besluit van 9 april 2019 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot afgifte van een document als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet (Vw), waaruit het rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2020:14385 · Rechtbank Den Haag: M.J.A. Bakker), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. I.E. Lemmers). Procesverloop Bij besluit van 9 april 2019 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot afgifte van een document als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet (Vw), waaruit het rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: AWB 19/7124 uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 oktober 2020 in de zaak tussen [verzoeker] , geboren op [geboortedatum] 1976, van Marokkaanse nationaliteit, verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. M.J.A. Bakker), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. I.E. Lemmers). Procesverloop Bij besluit van 9 april 2019 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot afgifte van een document als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet (Vw), waaruit het rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.
Bij besluit van 17 september 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker ongegrond verklaard. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld en een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend. Het beroep is geregistreerd onder zaaknummer AWB 19/7123. Het onderzoek ter zitting in het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening heeft plaatsgevonden op 19 december 2019. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde en vergezeld van zijn echtgenote. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na de zitting is het beroep verwezen naar een meervoudige kamer. Overwegingen 1. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 19/7123, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. BeslissingDe voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. L.M. Reijnierse, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.M. Slierendrecht, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 2 oktober 2020. griffier voorzieningenrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.