Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2020:13654 ECLI:NL:RBDHA:2020:13654 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2020:13654 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2020:13654
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Amersfoort Bestuursrecht zaaknummer: NL20.20286 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoekster] (V-nummer: [v-nummer 1] ), verzoekster, mede namens de minderjarigen [minderjarige 1] (V-nummer: [v-nummer 2] ) en [minderjarige 2] (V-nummer: [v-nummer 3] ), (gemachtigde: mr. J.A. Pieters), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.A.C.M. Prins). Procesverloop Bij besluit van 23 november 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2020:13654 · Rechtbank Den Haag: J.A. Pieters), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.A.C.M. Prins). Procesverloop Bij besluit van 23 november 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

Keywords

AI generated
procedural costs principle of expeditious proceedings stay of proceedings debt enforcement costs advances on costs excessive procedural duration
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Amersfoort Bestuursrecht zaaknummer: NL20.20286 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoekster] (V-nummer: [v-nummer 1] ), verzoekster, mede namens de minderjarigen [minderjarige 1] (V-nummer: [v-nummer 2] ) en [minderjarige 2] (V-nummer: [v-nummer 3] ), (gemachtigde: mr. J.A. Pieters), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.A.C.M. Prins). Procesverloop Bij besluit van 23 november 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL20.20285, plaatsgevonden op 8 december 2020. Verzoekster is verschenen, bijgestaan door mr. F.W. Verweij, als waarnemer van haar gemachtigde. Als tolk is verschenen de heer E.J. Nyembo- Katumbwe. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.20285, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep.

Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Gelet op de uitkomst van de bodemzaak veroordeelt de voorzieningenrechter verweerder wel in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 525,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 525,- en een wegingsfactor 1). Gezien de gelijktijdige behandeling ter zitting, worden de kosten voor het verschijnen ter zitting al vergoed in de bodemzaak. Beslissing De voorzieningenrechter: wijst het verzoek om voorlopige voorziening af; veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 525,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.C. Verra, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A. Vranken, griffier. De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op: 16 december 2020 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl. Mr. M.C. Verra A. Vranken Rechter Griffier Rechtbank Midden-Nederland Rechtbank Midden-Nederland Documentcode: [documentcode] Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.