Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2020:13289 ECLI:NL:RBDHA:2020:13289 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2020:13289 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2020:13289
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL20.19047 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser V-nummer: [#] (gemachtigde: mr. A. Jhingoer), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: N.H.T. Jansen). Procesverloop Bij besluit van 29 oktober 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2020:13289 · Rechtbank Den Haag: A. Jhingoer), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: N.H.T. Jansen). Procesverloop Bij besluit van 29 oktober 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Keywords

AI generated
international protection goodwill indemnity serious defect in foreign proceedings renvoi expatriation and foreign residence allowances international fraud investigation
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL20.19047 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser V-nummer: [#] (gemachtigde: mr. A. Jhingoer), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: N.H.T. Jansen). Procesverloop Bij besluit van 29 oktober 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Verweerder heeft gereageerd bij brief van 9 december 2020. Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL20.19048, plaatsgevonden op 10 december 2020. Eiser is, met bericht van verhindering, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Overwegingen 1. Uit verweerders brief met bijlage van 9 december 2020, blijkt dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken.

Uit de bijlage blijkt verder dat de gemachtigde van eiser aan verweerder heeft gemeld dat hij geen contact meer heeft met eiser.

2. De rechtbank stelt vast dat eiser noch zijn gemachtigde is verschenen ter zitting. Uit al deze omstandigheden moet worden afgeleid dat eiser geen prijs meer stelt op internationale bescherming van Nederland. Dat betekent dat eiser geen belang meer heeft bij de beoordeling van het beroep.

3. Er is geen aanleiding voor proceskosten. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 10 december 2020 door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. N.M.L. van der Kammen, griffier. Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.