ECLI:NL:RBDHA:2019:13435 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL19.26847 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker, V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. F.H. Bruggink), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. A.S.R. Mangroelal). Procesverloop Bij besluit van 1 november 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdin de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaar.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2019:13435 · Rechtbank Den Haag: F.H. Bruggink), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. A.S.R. Mangroelal). Procesverloop Bij besluit van 1 november 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdin de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaar.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL19.26847 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [verzoeker] , verzoeker, V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. F.H. Bruggink), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. A.S.R. Mangroelal). Procesverloop Bij besluit van 1 november 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijdin de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Tevens is een inreisverbod opgelegd voor de duur van twee jaar.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL19.26846, plaatsgevonden op 26 november 2019. Verzoeker en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. Overwegingen Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL19.26846, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.L.E. Bakels, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.E. Maas, griffier. Deze uitspraak is in het openbaar gedaan en bekendgemaakt op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.