ECLI:NL:RBDHA:2018:9960 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL18.14095 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser], eiser, V-nummer [V-nummer] (gemachtigde: mr. E. Ceylan), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. F. Gerritsen). Procesverloop Bij besluit van 24 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 buiten behandeling gesteld.
Legislator headnote
AI generatedartikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBDHA:2018:9960 · Rechtbank Den Haag: E. Ceylan), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. F. Gerritsen). Procesverloop Bij besluit van 24 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 buiten behandeling gesteld.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL18.14095 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser], eiser, V-nummer [V-nummer] (gemachtigde: mr. E. Ceylan), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. F. Gerritsen). Procesverloop Bij besluit van 24 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 buiten behandeling gesteld.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 14 augustus 2018. De gemachtigde van eiser is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Met inachtneming van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht heeft de rechtbank onmiddellijk na sluiting van het onderzoek ter zitting mondeling uitspraak gedaan. De rechtbank heeft hierbij aan partijen medegedeeld dat partijen binnen één week na bekendmaking van dit proces-verbaal hoger beroep kunnen instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Motivering De rechtbank overweegt dat eiser geen procesbelang heeft bij het ingestelde beroep. Het kan zo zijn dat eiser na het eerste gehoor toestemming aan zijn gemachtigde heeft gegeven om namens hem door te procederen, zoals de gemachtigde ter zitting naar voren heeft gebracht. Echter, nu eiser niet is verschenen op de afspraak van zijn nader gehoor en hij geen contact met zijn gemachtigde onderhoudt en de gemachtigde ook geen contactgegevens heeft van eiser valt niet in te zien hoe de uitspraak op zijn beroep aan eiser kan worden doorgegeven.
De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat eiser kennelijk geen prijs stelt op een inhoudelijke beoordeling van het ingestelde beroep. Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, rechter, in aanwezigheid van mr. J.C. de Grauw. Dit proces-verbaal is digitaal ondertekend en bekendgemaakt op: