ECLI:NL:RBDHA:2018:9538 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedRECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL18.12479 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen [naam] , verzoeker (gemachtigde: mr. N. van Luijk), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 3 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Slovenië daarvoor verantwoordelijk is.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2018:9538 · Rechtbank Den Haag: N. van Luijk), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 3 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Slovenië daarvoor verantwoordelijk is.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL18.12479 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen [naam] , verzoeker (gemachtigde: mr. N. van Luijk), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 3 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Slovenië daarvoor verantwoordelijk is.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het onderzoek ter zitting heeft, samen met de behandeling van de zaak met nummer NL18.12478, plaatsgevonden op 26 juli 2018. Partijen zijn met bericht van verhindering niet verschenen. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk ter zitting mondeling uitspraak gedaan. Overwegingen 1. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank het beroep in de bodemzaak, zaaknummer NL18.12478, ongegrond verklaard.
2. De voorzieningenrechter zal daarom het verzoek om een voorlopige voorziening afwijzen.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. C. van Boven-Hartogh, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.Ch. Grazell, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 26 juli 2018. griffier rechter Afschrift verzonden of digitaal ter beschikking gesteld aan partijen op: RechtsmiddelTegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.