Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2018:8215 ECLI:NL:RBDHA:2018:8215 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2018:8215 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2018:8215
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL18.10101 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam] , eiser (gemachtigde: mr. M.C. Heijnneman), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. S.H.M. Maas). Procesverloop Bij besluit van 28 mei 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder eisers asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Het onderzoek ter zitting heeft, samen met de behandeling van de zaak met nummer NL18.10102, plaatsgevonden op 3 juli 2018. Eiser en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Overwegingen 1. Bij brief van 29 juni 2018 heeft verweerder de rechtbank meegedeeld dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2018:8215 · Rechtbank Den Haag: Eisers gemachtigde heeft desgevraagd ter zitting niet bevestigend kunnen antwoorden op de vraag of hij nog in contact staat met zijn cliënt. Wel heeft hij aangevoerd dat nog sprake is van procesbelang omdat eiser kennis wenst te nemen van een inhoudelijke uitspraak in het geval hij een opvolgende asielaanvraag zou willen indienen.

Keywords

AI generated
discontinuation of proceedings reopening of asylum proceedings withdrawal following settlement non-renewal of contract severance of proceedings dismissal or termination of contract
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL18.10101 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam] , eiser (gemachtigde: mr. M.C. Heijnneman), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. S.H.M. Maas). Procesverloop Bij besluit van 28 mei 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder eisers asielaanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Het onderzoek ter zitting heeft, samen met de behandeling van de zaak met nummer NL18.10102, plaatsgevonden op 3 juli 2018. Eiser en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Overwegingen 1. Bij brief van 29 juni 2018 heeft verweerder de rechtbank meegedeeld dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken.

2. Eisers gemachtigde heeft desgevraagd ter zitting niet bevestigend kunnen antwoorden op de vraag of hij nog in contact staat met zijn cliënt. Wel heeft hij aangevoerd dat nog sprake is van procesbelang omdat eiser kennis wenst te nemen van een inhoudelijke uitspraak in het geval hij een opvolgende asielaanvraag zou willen indienen.

3. De rechtbank is van oordeel dat uit het feit dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken alsmede het feit dat hij geen contact meer onderhoudt met zijn gemachtigde moet worden afgeleid dat eiser niet langer prijs stelt op toelating tot Nederland. Om die reden dient het beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard wegens gebrek aan procesbelang. Dat eiser mogelijk in de toekomst een opvolgende asielaanvraag wil indienen, levert geen procesbelang op.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. De beslissing is in het openbaar uitgesproken door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier, op 3 juli 2018. Dit proces-verbaal is digitaal ondertekend en bekendgemaakt op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.