Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2018:6073 ECLI:NL:RBDHA:2018:6073 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2018:6073 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2018:6073
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: AWB 18/1761 uitspraak van de voorzieningenrechter van 24 mei 2018 op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen [verzoekster], verzoekster, en het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers, verweerder. Procesverloop Op 26 januari 2018 heeft verzoekster een aanvraag om verlenging van het verleende uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) ingediend bij de Immigratie- en Naturalisatie Dienst (IND). Bij brief van onbekende datum is verzoekster uitgenodigd bij het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COa) ter bespreking van het voornemen tot beëindiging van de verstrekkingen, waaronder opvang, op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere vreemdelingen 2005 (Rva 2005).

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:RBDHA:2018:6073 · Rechtbank Den Haag: Procesverloop Op 26 januari 2018 heeft verzoekster een aanvraag om verlenging van het verleende uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) ingediend bij de Immigratie- en Naturalisatie Dienst (IND). Bij brief van onbekende datum is verzoekster uitgenodigd bij het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COa) ter bespreking van het voornemen tot beëindiging van de verstrekkingen, waaronder opvang, op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere vreemdelingen 2005 (Rva 2005).

Keywords

AI generated
urgent preliminary ruling procedure advance on court costs unjustified procedural delay remission of procedural costs reopening of proceedings in absentia procedural preliminary objections

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht
Op grond van artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: AWB 18/1761 uitspraak van de voorzieningenrechter van 24 mei 2018 op het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaak tussen [verzoekster], verzoekster, en het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers, verweerder. Procesverloop Op 26 januari 2018 heeft verzoekster een aanvraag om verlenging van het verleende uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) ingediend bij de Immigratie- en Naturalisatie Dienst (IND). Bij brief van onbekende datum is verzoekster uitgenodigd bij het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COa) ter bespreking van het voornemen tot beëindiging van de verstrekkingen, waaronder opvang, op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere vreemdelingen 2005 (Rva 2005).

Verzoekster heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen teneinde beëindiging van de verstrekkingen, waaronder opvang, gedurende de beslisprocedure te voorkomen. Overwegingen 1. Op grond van artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

2. De voorzieningenrechter stelt vast dat bij uitspraak van vandaag, 24 mei 2018, een voorlopige voorziening is getroffen, die de door verzoekster in deze procedure beoogde rechtsgevolgen tot gevolg heeft (AWB 18/3707). Gelet hierop is er geen belang meer in deze procedure.

3. De voorzieningenrechter verklaart het verzoek niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van belang.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.D. Gunster, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 24 mei 2018. griffier voorzieningenrechter Afschrift verzonden of digitaal ter beschikking gesteld aan partijen op: RechtsmiddelTegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.