Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:RBDHA:2018:10906 ECLI:NL:RBDHA:2018:10906 AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2018:10906 · Rechtbank Den Haag

Case Number ECLI:NL:RBDHA:2018:10906
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL18.13193 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser], eiser (gemachtigde: mr. M.B. van den Toorn-Volkers), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. L. Mol). Procesverloop Bij besluit van 12 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:RBDHA:2018:10906 · Rechtbank Den Haag: Eiser is geboren op [geboortedatum] 1990 en heeft de Marokkaanse nationaliteit. Alleen in geschil is of verweerder toepassing had moeten geven aan artikel 17 van de Dublinverordening. De omstandigheden die eiser aanvoert zijn niet zodanig bijzonder dat verweerder de behandeling van het verzoek aan zich had moeten trekken. De rechtbank begrijpt dat eiser graag in Nederland wil blijven, omdat veel familieleden hier wonen, maar dit is onvoldoende. Eiser is 28 jaar, ruim volwassen. Niet is gebleken dat hij zich niet zelfstandig kan handhaven en dat hij niet zonder zijn familie kan.

Keywords

AI generated
Nigerian asylum application family asylum grounds for asylum asylum jurisdictional competence foreign resident rights applicability of immigration law
AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL18.13193 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser], eiser (gemachtigde: mr. M.B. van den Toorn-Volkers), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. L. Mol). Procesverloop Bij besluit van 12 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL18.13194, plaatsgevonden op 31 juli 2018. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen H. Ibnolfaqir. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.

Eiser is geboren op [geboortedatum] 1990 en heeft de Marokkaanse nationaliteit. Alleen in geschil is of verweerder toepassing had moeten geven aan artikel 17 van de Dublinverordening. De omstandigheden die eiser aanvoert zijn niet zodanig bijzonder dat verweerder de behandeling van het verzoek aan zich had moeten trekken. De rechtbank begrijpt dat eiser graag in Nederland wil blijven, omdat veel familieleden hier wonen, maar dit is onvoldoende. Eiser is 28 jaar, ruim volwassen. Niet is gebleken dat hij zich niet zelfstandig kan handhaven en dat hij niet zonder zijn familie kan.

Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. De beslissing is in het openbaar uitgesproken door mr. E.S.G. Jongeneel, rechter, in aanwezigheid van mr. A. Nobel, griffier, op 31 juli 2018. Dit proces-verbaal is digitaal ondertekend en bekendgemaakt op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening of om het opheffen of wijzigen van een bij deze uitspraak getroffen voorlopige voorziening.