ECLI:NL:RBDHA:2017:6673 · Rechtbank Den Haag
Legislator summary
AI generatedvonnis RECHTBANK DEN HAAG Team Insolventies – enkelvoudige kamer rekestnummer: C/09/528713 / FT RK 17/481 uitspraakdatum: 24 mei 2017 [verzoekster], wonende te [adres en huisnummer] [postcode en woonplaats], verzoekster, heeft op 13 maart 2017 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. Ter terechtzitting van 10 mei 2017 is verzoekster, vergezeld van haar partner en mr. C. Stoop, beschermingsbewindvoerder, hierover gehoord. De rechtbank overweegt als volgt. Volgens een overgelegd overzicht van de schulden bedraagt de schuldenlast van verzoekster € 30.936,91 in totaal.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:RBDHA:2017:6673 · Rechtbank Den Haag: Ter terechtzitting van 10 mei 2017 is verzoekster, vergezeld van haar partner en mr. C. Stoop, beschermingsbewindvoerder, hierover gehoord. De rechtbank overweegt als volgt. Volgens een overgelegd overzicht van de schulden bedraagt de schuldenlast van verzoekster € 30.936,91 in totaal.
Keywords
AI generatedRelated Decisions
AI generatedFull text
vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team Insolventies – enkelvoudige kamer rekestnummer: C/09/528713 / FT RK 17/481 uitspraakdatum: 24 mei 2017 [verzoekster], wonende te [adres en huisnummer] [postcode en woonplaats], verzoekster, heeft op 13 maart 2017 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. Ter terechtzitting van 10 mei 2017 is verzoekster, vergezeld van haar partner en mr. C. Stoop, beschermingsbewindvoerder, hierover gehoord. De rechtbank overweegt als volgt. Volgens een overgelegd overzicht van de schulden bedraagt de schuldenlast van verzoekster € 30.936,91 in totaal.
Eén van de schulden is een schuld aan de belastingdienst die ziet op terug te betalen kinderopvangtoeslag voor de jaren 2013 (€ 10.162,-) en 2014 (oorspronkelijk € 2.026,-, thans nog € 1.011,07). Een andere schuld is een schuld van € 8.715,75 aan Kinderdagverblijf Calimero die in 2013 is ontstaan. Verzoekster heeft derhalve enerzijds kinderopvangtoeslag ontvangen, maar anderzijds niet besteed aan kinderopvang, hetgeen er toe heeft geleid dat de kinderopvangtoeslag moet worden terugbetaald. Indien verzoekster zou willen betogen dat het ontstaan van deze schulden met name verband houdt met onwetendheid of onvermogen, dan is de rechtbank van oordeel dat dit onvoldoende aannemelijk is gemaakt.
Bovendien mag van een ieder die kinderopvangtoeslag aanvraagt en ontvangt worden verwacht dat hij of zij weet dat die toeslag aan kinderopvang moet worden besteed. Naar het oordeel van de rechtbank is dan ook niet aannemelijk geworden dat verzoekster te goeder trouw is geweest ten aanzien van het ontstaan van de schulden aan de belastingdienst en et kinderdagverblijf. Het verzoek zal derhalve worden afgewezen. BESLISSING De rechtbank: - wijst af het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling van: [verzoekster], geboren op [geboortedatum en plaats], Suriname, wonende te [adres en huisnummer] [postcode en woonplaats].
Gewezen door mr. R. Cats, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 mei 2017 in tegenwoordigheid van C.R. Cortenbach-van der Lek LL.B., griffier.